ECLI:NL:GHAMS:2015:5708
Inleiding
Parketnummer: 23-004830-14
Datum uitspraak: 3 april 2015
VERSTEK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Noord-Holland van 24 november 2014 in de strafzaak onder parketnummer 15-810302-14 tegen:
[verdachte]
,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1983,
adres: [adres].
Onderzoek ter terechtzitting
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen in hoger beroep van 13 januari 2015 en 3 april 2015.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal.
Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep
De strafzaak tegen de verdachte is op 13 januari 2015 uitgeroepen, waarna een zitting, die het karakter van een pro-forma zitting had, heeft plaatsgevonden.
De verdachte heeft blijkens de akte rechtsmiddel van 25 februari 2015, strekkende tot intrekking van het hoger beroep, het ingestelde beroep tegen het vonnis van de rechtbank Noord-Holland van 24 november 2014 ingetrokken.
Op grond van het vorenstaande en gehoord de advocaat-generaal is het hof van oordeel dat, nu ook overigens niet is gebleken van enig rechtens te beschermen belang dat is gediend met de voortgezette behandeling van de zaak, de verdachte niet ontvangen dient te worden in het door hem ingestelde hoger beroep.
Het hof:
Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. I.M.H. van Asperen de Boer-Delescen, mr. H.W.J. de Groot en mr. M. Gonggrijp-van Mourik, in tegenwoordigheid van mr. M. Helmers, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 3 april 2015.
mr. M. Gonggrijp-van Mourik is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.
=
===
[....]