Rechtspraak Hoge Raad 2007-10-19
ECLI:NL:HR:2007:BB3679
Civiel recht
19 oktober 2007 Eerste Kamer Rek.nr. R07/093HR MK Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: HAAGSE ACCOUNTANTS GROEP B.V., gevestigd te 's-Gravenhage, EISERES tot cassatie, advocaat: mr. A.L.C.M. Oomen, t e g e n DE ONTVANGER VAN DE BELASTINGDIENST/ZUIDWEST, gevestigd te Breda, VERWEERDER in cassatie, advocaten: mrs. J.W.H. van Wijk en A.L. Kruijmer. Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als HAG en de Ontvanger. Met een op 22 januari 2007 ter griffie van de rechtbank 's-Gravenhage ingediend verzoekschrift heeft de Ontvanger zich gewend tot die rechtbank en verzocht, kort gezegd, HAG in staat van faillissement te verklaren. HAG heeft het verzoek bestreden. De rechtbank heeft bij vonnis van 21 februari 2007 HAG in staat van faillissement verklaard. Tegen dit vonnis heeft HAG hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te 's-Gravenhage. Bij arrest van 24 april 2007 heeft het hof het bestreden vonnis bekrachtigd. Het arrest van het hof is aan dit arrest. Tegen het arrest van het hof heeft HAG beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. De Ontvanger heeft verzocht het beroep te verwerpen. De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten. De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping van het beroep. Het middel kan niet tot cassatie leiden omdat het niet voldoet aan de aan een middel van cassatie te stellen eis dat de verweerder en de cassatierechter daaruit kunnen opmaken waarop de verzoekster baseert dat bij de bestreden uitspraak het recht is geschonden of vormen als bedoeld in art. 79 RO zijn verzuimd. Voorzover het middel klaagt dat de Ontvanger niet bevoegd was het faillissement van HAG aan te vragen, is niet kenbaar waarom volgens HAG de Leidraad Invordering 1990 is geschonden. De Hoge Raad: verklaart HAG niet-ontvankelijk in haar beroep; veroordeelt HAG in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de Ontvanger begroot op € 371,34 aan verschotten en € 1.800,-- voor salaris. Dit arrest is gewezen door de raadsheren P.C. Kop, als voorzitter, F.B. Bakels en C.A. Streefkerk, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer W.D.H. Asser op 19 oktober 2007.