Rechtspraak Hoge Raad 2013-12-20
ECLI:NL:HR:2013:2078
Civiel recht
20 december 2013 Eerste Kamer nr. 12/04799 RM/GB Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: 1. 'T SLEYK B.V., 2. D.O.G.M. ONROEREND GOED MAATSCHAPPIJ B.V.,beide gevestigd te Breukelen, EISERESSEN tot cassatie, advocaat: mr. L. van den Eshof, t e g e n [verweerder],wonende te [woonplaats], VERWEERDER in cassatie, advocaat: mr. E.H. van Staden ten Brink. Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als 't Sleyk c.s. en [verweerder]. Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: a. zijn arrest in de zaak 10/00371, ECLI:NL:HR:2011:BQ5081, NJ 2011/310, van 8 juli 2011; b. het arrest in de zaak 200.094.699/01 van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 19 juni 2012. Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht. 2Het tweede geding in cassatie Tegen het arrest van het hof hebben 't Sleyk c.s. beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. [verweerder] heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten en voor 't Sleyk c.s. mede door mr. E.C. Rozeboom, advocaat bij de Hoge Raad. De conclusie van de Advocaat-Generaal E.M. Wesseling-van Gent strekt tot verwerping. De advocaten van 't Sleyk c.s. hebben bij brief van 1 november 2013 op die conclusie gereageerd. De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 8 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling. De Hoge Raad: verwerpt het beroep; veroordeelt 't Sleyk c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] begroot op € 373,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris. Dit arrest is gewezen door de vice-president F.B. Bakels als voorzitter en de raadsheren C.A. Streefkerk, C.E. Drion, G. Snijders en M.V. Polak, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.A. Loth op 20 december 2013.