Rechtspraak Parket bij de Hoge Raad 2023-02-14
ECLI:NL:PHR:2023:159
Strafrecht
D.J.M.W. Paridaens In de zaak [opgeëiste persoon], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1994, hierna: de opgeëiste persoon. Inleiding De rechtbank Amsterdam heeft bij uitspraak van 10 november 2022 de overlevering van de opgeëiste persoon aan the Regional Court in Poznań (Polen) toegestaan wegens de in onderdeel e) van het Europees aanhoudingsbevel (EAB) omschreven feiten. Namens de opgeëiste persoon heeft S. Meijer, advocaat te Beverwijk, één middel van cassatie voorgesteld. Ontvankelijkheid van het beroep 3. Het EAB is op 12 mei 2020 uitgevaardigd door de “Regional Court in Poznań” in Polen. Naar aanleiding daarvan heeft de officier van justitie op 24 mei 2022 een vordering als bedoeld in art. 23 lid 2 Overleveringswet ingediend bij de rechtbank Amsterdam, waarover de rechtbank op 10 november 2022 heeft beslist. Aldus is de Overleveringswet in de onderhavige zaak van toepassing. 4. Nu op grond van art. 29 lid 2 Overleveringswet geen gewoon rechtsmiddel openstaat tegen de bestreden uitspraak van de rechtbank omtrent de overlevering van de opgeëiste persoon, kan hij niet in zijn beroep worden ontvangen. Aan de bespreking van het middel kom ik daarom niet toe. 5. Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van het beroep. De procureur-generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden AG