ECLI:NL:RBMNE:2022:1408
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Strafrecht
Zittingsplaats Utrecht
Parketnummer: 16/320211-20 (P)
Vonnis van de meervoudige kamer van 24 maart 2022
in de strafzaak tegen
[verdachte]
,
geboren op [1986] te [geboorteplaats] ,
wonende aan de [adres] te [woonplaats] .
1 ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van 01 april 2021 en 17 juni 2021. Op 10 maart 2022 is de zaak inhoudelijk behandeld.
De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering en standpunten van officier van justitie mr. G.A. Hoppenbrouwers en van hetgeen verdachte en zijn raadsman, mr. H.G. Koopman, advocaat te Amsterdam, naar voren hebben gebracht.
2 TENLASTELEGGING
De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht.
De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte:
Feit 1 op 17 december 2020 in Woerden, samen met een ander, voorhanden heeft gehad:
- 1334,31 gram MDMA;
- 293,21 gram amfetamine;
- 57,31 gram 2C-B;
- 148,2 kilo GHB;
Feit 2 op 17 december 2020 in Woerden, samen met een ander, 1100 pillen Diazepam voorhanden heeft gehad;
Feit 3 op 17 december 2020 in Woerden, samen met een ander, 19,5 gram hasj voorhanden heeft gehad;
Feit 4 op 17 december 2020 in Woerden, samen met een ander, 863,3 gram fenylazijnzuur voorhanden heeft gehad, terwijl verdachte wist of kon vermoeden dat het bestemd was voor het bereiden van amfetamine;
Feit 5 op 17 december 2020 in Woerden, samen met een ander, een geldbedrag van € 11.650 heeft witgewassen;
Feit 6 op 17 december 2020 in Woerden, samen met een ander, twee pistolen die voor bedreiging geschikt waren voorhanden heeft gehad;
Feit 7 op 17 december 2020 in Woerden samen met een ander een stiletto voorhanden heeft gehad.
3 VOORVRAGEN
De dagvaarding is geldig, de rechtbank is bevoegd tot kennisneming van het ten laste gelegde, de officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging van verdachte en er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging.
4 WAARDERING VAN HET BEWIJS
4.1 Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie acht alle ten laste gelegde wettig en overtuigend te bewijzen en baseert zich daarbij op de bewijsmiddelen in het dossier.
4.2 Het standpunt van de verdediging
De raadsman heeft vrijspraak bepleit ten aanzien van het onder feit 1 ten laste gelegde bezit van GHB.
Hij heeft hiervoor aangevoerd dat verdachte de auto had uitgeleend aan [A] en dat die [A] zonder medeweten van verdachte de GHB in de auto heeft achtergelaten.
Ten aanzien van feit 2, de 1110 pillen Diazepam, heeft de raadsman aangevoerd dat het verdachte niet bekend was deze pillen op lijst II van de Opiumwet staan. Om die reden kan opzet niet bewezen worden verklaard. Verdachte dient te worden vrijgesproken van dit feit.
Ten aanzien van feit 3 refereert de raadsman zich aan het oordeel van de rechtbank.
Ten aanzien van feit 4 heeft de raadsman aangevoerd dat niet middels een NFI-test is aangetoond dat de aantroffen vloeistof fenylazijnzuur bevat. Er dient daarom vrijspraak te volgen van dit feit.
Voor witwassen is eveneens geen bewijs voorhanden. De verklaring van verdachte dat hij dit geld heeft verdiend met klussen, wordt ondersteund door de verklaring van zijn partner en de verklaring van [getuige] . Van feit 5 dient hij vrijgesproken te worden.
Ten slotte heeft de raadsman vrijspraak bepleit van de aangetroffen wapens en het mes, de feiten 6 en 7. Verdachte was niet bekend met de strafbaarheid van het bezit van deze speelgoedwapens en het mes betrof een erfstuk.
4.3 4.3.1 Vrijspraak feit 4
De rechtbank acht niet wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder feit 4 ten laste gelegde heeft begaan. In de schuur bij de woning van verdachte zijn weliswaar brokken met fenylazijnzuur aangetroffen, maar voor de bewezenverklaring dat verdachte en/of zijn medeverdachte voornemens waren dit te gebruiken voor de productie van amfetamine is geen bewijs voorhanden. Verdachte wordt dan ook vrijgesproken van dit feit.
4.3.2. Bewijsmiddelen
Om de leesbaarheid van dit vonnis te vergroten worden de vaak voorkomende bewijsmiddelen als volgt vermeld.
Proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 1] , d.d. 18 december 2020, pagina 29 - 31: bewijsmiddel A;
Proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 1] , d.d. 19 februari 2021, pagina 191 – 195 : bewijsmiddel B;
Proces-verbaal van bevindingen verbalisanten [verbalisant 2] en [verbalisant 3] , d.d. 4 januari 2021, pagina 263 – 266: bewijsmiddel C;
Proces-verbaal van bevindingen verbalisanten [verbalisant 2] en [verbalisant 3] , d.d. 28 januari 2021, pagina 270 – 278: bewijsmiddel D;
Proces-verbaal van bevindingen verbalisant [verbalisant 2] , d.d. 28 december 2020, pagina 256- 258: bewijsmiddel E;
Proces-verbaal van bevindingen verbalisanten [verbalisant 3] en [verbalisant 2] d.d. 23 december 2020, pagina 127 – 131: bewijsmiddel F.
Per aangetroffen stof/goed wordt telkens achtereenvolgend genoemd:
- de vindplaats van het goed, zoals vermeld in bewijsmiddel A of B;
- een proces-verbaal waarin een SIN-nummer aan het goed is toegekend, zoals vermeld in bewijsmiddel C, D of E;
- een NFI-rapport over de samenstelling van het goed, dan wel forensisch proces-verbaal over de aard van het goed.
4.3.3 Ten aanzien van de feiten 1 , 2, 3, 5, 6 en 7
Bewijsmiddel A
Op (de rechtbank begrijpt, gelet op het tijdstip van de sluiting van de doorzoeking, dat bedoeld wordt:) 17 december 2020 is een woning en een berging doorzocht aan de [adres] , [woonplaats] . Op dit adres staan onder andere de verdachten [verdachte] en [medeverdachte] ingeschreven. Dit betreft een tussenwoning met in de achtertuin een stenen berging. Er werden twee voertuigen in beslag genomen, die voor de woning geparkeerd stonden, te weten:
- Zwarte personenauto, RAM 1500 Lamari met het kenteken [kenteken] en
- Witte bestelauto, Peugeot Expert, met het kenteken [kenteken] .
4.3.4 Voorts ten aanzien van feit 1
4.3.4.1 Met betrekking tot de MDMA
Bewijsmiddel B
In het keukenblok zit onder de oven een opbergruimte. In de opbergruimte onder de oven:C.3.1. boodschappentas van Albert Heyn met een witte brok.
Bewijsmiddel D
Goednummer: PL0900-2020409824-2754282
SIN: AANR4981NL
Relatie met SIN: AANW6649NL
Bijzonderheden: C.3.1 witte brokken in AH tas lade onder oven
Omschrijving: 2 boterhamzakken met beige poeder en brokjes
gewicht netto: 137,3 gram
Rapport van 15 januari 2021, opgesteld door ing. N. van Doorn, NFI-deskundige:
Tabel 1: onderzoeksmateriaal en conclusie
Kenmerk
Omschrijving FO
Bij het bepalen van de straf heeft de rechtbank rekening gehouden met de ernst van het bewezen verklaarde, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van verdachte, zoals ter terechtzitting is gebleken.
Verdachte had samen met zijn partner (en tevens medeverdachte) diverse soorten en alles bij elkaar een grote hoeveelheid drugs voorhanden. Deze drugs lagen door de hele woning verspreid: in de vriezer, onder de oven, in keukenkastjes en op de slaapkamer. Ook lagen in de berging bij de woning grote hoeveelheden verboden middelen. En dit terwijl zij met hun vier kinderen in de woning leefden. Hiermee hebben verdachte en medeverdachte het risico genomen dat hun kinderen in hun onwetendheid deze drugs zouden innemen. Een groot deel van deze drugs bewaarde verdachte voor een ander. Hiermee heeft verdachte bijgedragen aan het in stand houden van de productie van en handel in harddrugs.
Daarnaast is het een feit van algemene bekendheid dat het gebruik van synthetische drugs, zoals MDMA en amfetamine, grote gezondheidsrisico’s meebrengt voor de gebruikers daarvan. Ten slotte had verdachte verboden (nep)wapens en een verboden mes in zijn bezit.
Uit het strafblad (de justitiële documentatie) van verdachte van 6 januari 2022 blijkt dat hij eerder is veroordeeld tot een deels onvoorwaardelijke gevangenisstraf ter zake de Opiumwet, te weten op 26 mei 2015. De rechtbank heeft inzage gehad in dit vonnis en dit ook tijdens de inhoudelijke behandeling van de strafzaak met verdachte en zijn raadsman besproken. Uit dit vonnis blijkt namelijk dat verdachte in die zaak óók heeft verklaard dat hij de destijds bij hem aangetroffen (grondstoffen voor) harddrugs voor een ander bewaarde in zijn woning. En ook toen had verdachte het vermoeden dat het om drugs ging, althans, had hij dat kunnen weten. Hieruit blijk dat verdachte kennelijk niet heeft geleerd heeft van die veroordeling en opnieuw de fout in is gegaan. Dit werkt in nadeel van verdachte.
Gelet op de aard van de bewezen verklaarde feiten en de hoeveelheid van de aangetroffen verdovende middelen (met name de ruim 148 kilo GHB) kan niet worden volstaan met een straf die geen vrijheidsbeneming met zich brengt.
Om in gelijke gevallen gelijke straffen op te leggen zijn LOVS-oriëntatiepunten ontwikkeld. Deze oriëntatiepunten dienen als vertrekpunt bij de keuze tot het opleggen van een vrijheidsbenemende straf en bij de vaststelling van de duur daarvan. Voor het aanwezig hebben van 20 kilo of meer harddrugs staat een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 36 maanden. In de onderhavige zaak is sprake van het bezit van een grotere hoeveelheid harddrugs.
Dit maakt echter niet dat de rechtbank hierin reden ziet om over de eis van de officier van justitie te gaan en verdachte een nóg hogere straf op te leggen. Ondanks het feit dat verdachte al eens eerder is veroordeeld omdat hij harddrugs voor een ander in zijn woning bewaarde – en hij wat dat betreft een gewaarschuwd man had moeten zijn – ziet de rechtbank ook dat de reclassering in haar advies van 11 maart 2021 hierover meldt dat het er in eerste instantie op leek dat verdachte afstand had genomen van het drugscircuit. Voorts wordt gemeld dat verdachte graag andere mensen helpt en anderen moeilijk iets kan weigeren. De rechtbank sluit niet uit dat het voorgaande (ook) een rol heeft gespeeld bij het onderhavige feit. Het risico op recidive wordt ingeschat als gemiddeld en de rechtbank wordt dan ook geadviseerd om een (deels) voorwaardelijke straf op te leggen met als bijzondere voorwaarden een meldplicht bij de reclassering en het volgen van de gedragsinterventie cognitieve vaardigheden.
Al met al is de rechtbank van oordeel dat het passend en geboden is aan verdachte een straf op te leggen zoals door de officier van justitie is gevorderd, te weten gevangenisstraf voor de duur van 36 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met de bijzondere voorwaarden zoals door de reclassering geadviseerd.
9 BESLAG
Verbeurdverklaring
De rechtbank zal het in beslag genomen voorwerp, te weten het geldbedrag van € 11.650,-- verbeurd verklaren.
Met betrekking tot dit voorwerp is het onder feit 5 bewezen verklaarde feit begaan.
Onttrekking aan het verkeer
De rechtbank zal het in beslag genomen voorwerp, te weten het mes, onttrekken aan het verkeer. Dit voorwerp is van zodanige aard dat het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met de wet of met het algemeen belang.
Met betrekking tot dit voorwerp is bovendien het onder feit 7 bewezen verklaarde feit begaan.
10 TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
14a, 14b, 14c, 33, 33a, 36b, 36c, 47 en 57 van het Wetboek van Strafrecht en
2, 3, 10 en 11 van de Opiumwet en
13 en 55 van de Wet wapens en munitie;
zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezen verklaarde.
De rechtbank:
Vrijspraak
- verklaart het onder feit 4 ten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij;
Bewezenverklaring
- verklaart het onder feit 1, 2, 3, 5, 6 en 7 ten laste gelegde bewezen zoals hiervoor in rubriek 5 is vermeld;
- verklaart het meer of anders ten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij;
Strafbaarheid
- verklaart het bewezen verklaarde strafbaar en kwalificeert dit zoals hiervoor in rubriek 6 is vermeld;
- verklaart verdachte strafbaar;
Oplegging straf
- veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van 36 maanden;
- bepaalt dat de tijd, door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;
- bepaalt dat van de gevangenisstraf een gedeelte van 6 maanden, niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders gelast op grond van het feit dat verdachte de hierna te melden algemene en/of bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd;
- stelt daarbij een proeftijd van 2 (twee) jaren vast;
- als voorwaarden gelden dat verdachte:
* zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
* ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking verleent aan het nemen van één of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;
* medewerking verleent aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14c, zesde lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclassering zo vaak en zolang als de reclassering dit noodzakelijk acht, daaronder begrepen;
- stelt als bijzondere voorwaarden dat verdachte gedurende de proeftijd:
* zich binnen één dag na het ingaan van de proeftijd zal melden bij Reclassering Nederland op het adres Zwarte Woud 2 te Utrecht, tussen 13.00 en 16.30 uur en zich blijft melden, zolang de reclassering dit noodzakelijk acht;
* zal deelnemen aan een gedragsinterventie cognitieve vaardigheden aangeboden door Reclassering Nederland of soortgelijke instelling, waarbij verdachte zich dient te houden aan de aanwijzingen zoals die gedurende deze gedragsinterventie door of namens voornoemde instelling aan verdachte zullen worden gegeven zolang de reclassering dit noodzakelijk acht;
- waarbij de reclassering opdracht wordt gegeven als bedoeld in artikel 14c, zesde lid, van het Wetboek van Strafrecht toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden en verdachte ten behoeve daarvan te begeleiden;
Voorlopige hechtenis
- heft op het bevel tot schorsing van de voorlopige hechtenis;
Beslag
- verklaart het volgende voorwerp verbeurd:
Geldbedrag van € 11.650,--;
- verklaart het volgende voorwerp onttrokken aan het verkeer:
Het mes.
Dit vonnis is gewezen door mr. A. Blanke, voorzitter, mrs. S.M. Schothorst en E. Slager, rechters, in tegenwoordigheid van D.G.W. van de Haar-Kleijer, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 24 maart 2022.
De voorzitter is niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen.
Bijlage: de tenlastelegging
Aan verdachte wordt ten laste gelegd dat hij:
1op of omstreeks 17 december 2020 te Woerden, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk aanwezig heeft gehad- ongeveer 1334,31 gram, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende MDMA en/of- ongeveer 293,21 gram, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende amfetamine en/of- ongeveer 57,31 gram, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende 2C-B en/of- ongeveer 148,2 kilogram, in elk geval een (grote) hoeveelheid van een materiaal bevattende gamma-hydroxyboterzuur (GHB)zijnde MDMA en/of amfetamine en/of 2C-B en/of gamma-hydroxyboterzuur, een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;2op of omstreeks 17 december 2020 te Woerden, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk aanwezig heeft gehad- ongeveer 1110 pillen, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende Diazepamzijnde Diazepam,een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;3op of omstreeks 17 december 2020 te Woerden, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, aanwezig heeft gehad ongeveer 19,5 gram, in elk geval een hoeveelheid van niet meer dan 30 gram van een gebruikelijk vast mengsel van hennephars en plantaardige elementen van hennep waaraan geen andere substanties zijn toegevoegd (hasjiesj), zijnde hasjiesj een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;4op of omstreeks 17 december 2020 te Woerden tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, om een feit, bedoeld in het vierde of vijfde lid van artikel 10 van de Opiumwet, te weten het opzettelijk telen, bereiden, bewerken, verwerken, verkopen, afleveren, verstrekken, vervoeren en/of binnen het grondgebied van Nederland brengen van amfetamine, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende amfetamine, zijnde amfetamine een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst I voor te bereiden en/of te bevorderen, 863,3 gram Fenylazijnzuur, voorhanden heeft gehad, waarvan verdachte en/of verdachtes mededader(s) wist(en) of ernstige redenen had(den) te vermoeden, dat dat/die bestemd was/waren tot het plegen van dat/die feit(en);5op of omstreeks 17 december 2020, te Woerden, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen, één of meer voorwerp(en), te weten een geldbedrag(en) ter hoogte van (ongeveer) 11.650 euro, althans één of meer (grote) geldbedragen, in ieder geval enig(e) geldbedrag(en), de werkelijke aard, de herkomst, de vindplaats, de vervreemding en/of de verplaatsing heeft/hebben verborgen en/of verhuld, althans heeft/hebben verborgen en/of verhuld wie de rechthebbende op die/dat voorwerp(en), te weten voornoemd(e) geldbedrag(en), was of wie bovenomschreven voorwerp, te weten voornoemd(e) geldbedrag(en), voorhanden haden/of(telkens) één of meer voorwerpen(en) te weten een geldbedrag(en) ter hoogte van (ongeveer) 11.650 euro, in ieder geval enig(e) geldbedrag(en), heeft/hebben verworven, voorhanden heeft/hebben gehad, heeft/hebben overgedragen en/of omgezet, althans van een voorwerp, te weten voornoemd(e) geldbedrag(en), gebruik heeft/hebben gemaakt, terwijl hij en/of zijn mededader(s) wist(en), althans redelijkerwijs had(den) moeten vermoeden, dat bovenomschreven voorwerp(en) -onmiddellijk of middellijk - afkomstig was uit enig (eigen) misdrijf;6op of omstreeks 17 december 2020 te Woerden, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, een of meer wapens van categorie I, onder 7° van de Wet wapens en munitie, te weten een door de Minister van Justitie en Veiligheid aangewezen voorwerp dat een ernstige bedreiging van personen kon vormen en/of dat zodanig op een wapen geleek dat deze voor bedreiging of afdreiging geschikt was, namelijk meerdere voorwerpen die voor wat betreft hun vorm en afmetingen een sprekende gelijkenis vertonen met vuurwapens of met voor ontploffing bestemde voorwerpen te weten- een voorwerp in de vorm van een pistool, merk Wingun, model Sp
ecial force [nummer] ,kaliber 4.5MM BB (voorzien van wapennummer [wapennummer] ), en/of- een voorwerp in de vorm van een pistool, kaliber 6mm BB (voorzien van nummer [nummer] )heeft voorhanden gehad;7op of omstreeks 17 december 2020 te Woerden, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,een wapen van categorie I, onder 1° van de Wet wapens en munitie, te weten een stiletto heeft voorhanden gehad;
Wanneer hierna wordt verwezen naar paginanummers betreft dit pagina’s van op ambtseed of ambtsbelofte opgemaakte processen-verbaal. Deze processen-verbaal zijn als bijlagen opgenomen bij het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal PL090-2020409824, opgemaakt door politie Eenheid Midden-Nederland, doorgenummerd pagina 1 tot en met 327. Tenzij anders vermeld, zijn dit processen-verbaal in de wettelijke vorm opgemaakt door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren.
Bewijsmiddel A, pagina 31
Bewijsmiddel A, pagina 29
Bewijsmiddel A, pagina 30
Bewijsmiddel B, pagina 193
Bewijsmiddel D, pagina 273
Deskundigenrapport, pagina 281
Proces-verbaal terechtzitting 10 maart 2022
Bewijsmiddel B, pagina 193
Bewijsmiddel D, pagina 274
Deskundigenrapport, pagina 283
Proces-verbaal terechtzitting 10 maart 2022
Bewijsmiddel A, pagina 29
Bewijsmiddel D, pagina 274
Deskundigenrapport, pagina 280
Proces-verbaal terechtzitting 10 maart 2022
Bewijsmiddel B, pagina 195
Bewijsmiddel D, pagina 274
Deskundigenrapport, pagina 285
Proces-verbaal terechtzitting van 10 maart 2022
Bewijsmiddel D, pagina 275
Bewijsmiddel D, pagina 276
Deskundigenrapport, pagina 284
Proces-verbaal terechtzitting 10 maart 2022
Bewijsmiddel D, pagina 275
Deskundigenrapport, pagina 286
Proces-verbaal terechtzitting van 10 maart 2022
Bewijsmiddel B, pagina 191 en 192
Bewijsmiddel D, pagina 273
Deskundigenrapport, pagina 279
Bewijsmiddel D, pagina 277
Deskundigenrapport, pagina 289
Deskundigenrapport, pagina 290
Bewijsmiddel D, pagina 276
Deskundigenrapport, pagina 287
Deskundigenrapport, pagina 288
Proces-verbaal terechtzitting van 10 maart 2022
Bewijsmiddel A, pagina 30
Bewijsmiddel F, pagina 129
Bewijsmiddel F, pagina 130
Deskundigenrapport, pagina 135
Bewijsmiddel F, pagina 130
Deskundigenrapport, pagina 134
Bewijsmiddel F, pagina 130
Deskundigenrapport, pagina 133
Bewijsmiddel F, pagina 130
Bewijsmiddel F, pagina 131
Deskundigenrapport, pagina 132
Proces-verbaal terechtzitting 10 maart 2022
Bewijsmiddel B, pagina 194
Bewijsmiddel C, pagina 265
Deskundigenrapport, pagina 267
Proces-verbaal terechtzitting 10 maart 2022
Bewijsmiddel B, pagina 194
Bewijsmiddel C, Pagina 273
Deskundigenrapport, pagina 282
Proces-verbaal terechtzitting 10 maart 2022
Bewijsmiddel B, pagina 194 en 195
Bewijsmiddel C, pagina 264
Bewijsmiddel C, pagina 265
NFI-rapport van 28 januari 2021, pagina 269
Proces-verbaal terechtzitting 10 maart 2022
Bewijsmiddel A, pagina 31
Proces-verbaal van bevindingen verbalisant [verbalisant 4] , pagina 125
Bewijsmiddel E, pagina 257
Deskundigenrapport, pagina 260
Verklaring van verdachte op de zitting van 10 maart 2022
Bewijsmiddel A, pagina 29
Deskundigenrapport, opgemaakt door W. Best, pagina 226
Deskundigenrapport, opgemaakt door W. Best, pagina 229
Deskundigenrapport, opgemaakt door W. Best, pagina 230
Proces-verbaal terechtzitting 10 maart 2022
Bewijsmiddel B, pagina 194 en 195
Proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 5], pagina 238
Proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 5], pagina 239
Proces-verbaal terechtzitting 10 maart 2022
Bewijsmiddel B, pagina 194
Proces-verbaal terechtzitting 10 maart 2022
Bewijsmiddel A, pagina 30
Proces-verbaal van bevindingen, pagina 291 en 292
Proces-verbaal van bevindingen van verbalisanten [verbalisant 7] , [verbalisant 6] , [verbalisant 8] en [verbalisant 9] , pagina 294
Proces-verbaal van bevindingen van verbalisanten [verbalisant 7] , [verbalisant 6] , [verbalisant 8] en [verbalisant 9] , pagina 295
Proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 10] , pagina 231
Proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 10] , pagina 232
Proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 10] , pagina 233
Proces-verbaal terechtzitting 10 maart 2022
Bewijsmiddel B, pagina 193
Proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 8] , pagina 318
Proces-verbaal terechtzitting 10 maart 2022
AANW6649NL
Poeder/brokken/kristallen, uit 137 gram
Bevat MDMA
De verklaring van verdachte dat hij deze middelen daar samen met een ander opgeborgen heeft en dat hij vermoedde dat het om drugs ging.
--
Bewijsmiddel B
Begane grond van de woning
In het keukenblok zit onder de oven een opbergruimte. Het plankje voor de opbergruimte kon worden opengeklapt (kantelscharnier) waarna je in de opbergruimte kon kijken. In de opbergruimte onder de oven:C.3.1.a een gripzakje met een witte brok
Bewijsmiddel D
Goednummer: PL0900-2020409824-2754295
SIN: AANR4978NL
Relatie met SIN: AANW6652NL
Bijzonderheden: C.3.1.a witte brok
Omschrijving: Gripzak met daarin een lepel en beige brokjes
gewicht netto: 8,86 gram
Rapport van 15 januari 2021, opgesteld door ing. N. van Doorn, NFI-deskundige:
Tabel 1: onderzoeksmateriaal en conclusie
Kenmerk
Omschrijving FO
AANW6652NL
Poeder en brokjes, beige, uit 8,68 gram
Bevat MDMA
De verklaring van verdachte dat hij deze middelen daar samen met een ander opgeborgen heeft en dat hij vermoedde dat het om drugs ging.
--
Bewijsmiddel A
Stenen berging (schuur), zichtbaar op stellingen:A. l. 3a: 4 pillen, los in zwarte plastic tas
Bewijsmiddel D
Goednummer: PL0900-2020409824-2754199
SIN: AANR4971NL
Relatie met SIN: AANW6650NL
Bijzonderheden: A.1.3.a, pillen, groen, 4 stuks, 1,90 gram
Rapport van 15 januari 2021, opgesteld door ing. N. van Doorn, NFI-deskundige:
Tabel 1: onderzoeksmateriaal en conclusie
Kenmerk
Omschrijving FO
AANW6650NL
Tablet, groen, uit 1,90 gram
Bevat MDMA
De verklaring van verdachte dat hij deze middelen daar samen met een ander opgeborgen heeft.
--
Bewijsmiddel B
In het keukenblok stond een koel/vriescombinatie met daarboven een keukenkast. In deze keukenkast stond een bruine tas. In de bruine tas zat:C.7.1.c gripzakje met diverse pillen
Bewijsmiddel D
Goednummer: PL0900-2020409824-2754311SIN: AANR4977NL
Relatie met SIN:AANW6653NL
Bijzonderheden: C.7.1.C pillen diverse kleuren in gripzakje
Omschrijving: Gripzak met 28 tabletten, diverse kleuren 12,23 gram
Rapport van 15 januari 2021, opgesteld door ing. N. van Doorn, NFI-deskundige
Tabel 1: onderzoeksmateriaal en conclusie
Kenmerk
Omschrijving FO
AANW6653NL
Tablet, divers, uit 12,23 gram
Bevat MDMA
De verklaring van verdachte dat deze middelen van hem zijn.
--
Bewijsmiddel B
Op de vensterbank van de (ouder) slaapkamer stond een bijouteriedoos met twee laden. In de onderste lade van de bijouteriedoos lagen:B.2.1 lade bijouteriedoos, ½ blauwe pil in een gripzakje
Bewijsmiddel D
Goednummer: PL0900-2020409824-2754215
SIN: AANR4975NL
Relatie met SIN: AANW6655NL
Bijzonderheden: B.2.1.halve blauwe pil
Omschrijving: 1 gripzak met groen/blauw kleurige halve tablet
Gewicht netto: 0,21 gram
Rapport van 15 januari 2021, opgesteld door ing. N. van Doorn, NFI-deskundige:
Tabel 1: onderzoeksmateriaal en conclusie
Kenmerk
Omschrijving FO
AANW6655NL
Poeder, groen/blauw, uit 0,21 gram
Bevat MDMA
De verklaring van verdachte dat deze middelen van hem zijn.
--
Bewijsmiddel B
Op de vensterbank van de (ouder) slaapkamer stond een bijouteriedoos met twee laden. In de onderste lade van de bijouteriedoos lagen:B.2.1.a lade bijouteriedoos, 2½ groene pillen in boterhamzakje
Bewijsmiddel D
Goednummer: PL0900-2020409824-2754235
SIN: AANR4976NL
Relatie me SIN: AANW6654NL
Bijzonderheden: B.2.1.a 2,5 pil groen
Omschrijving: 2 groenkleurige tabletten + delen
Gewicht netto: 1,21 gram
Rapport van 15 januari 2021, opgesteld door ing. N. van Doorn, NFI-deskundige
Tabel 1: onderzoeksmateriaal en conclusie
Kenmerk
Omschrijving FO
AANW6654NL
Tablet, groen, uit 1,21 gram
Bevat MDMA
De verklaring van verdachte dat deze middelen van hem zijn.
--
Bewijsmiddel B
Eerste verdieping (ouderslaapkamer) van de woning
In een zwart mandje op de vensterbank van de slaapkamer lagen:B.1.1 vensterbank, 16,5 roze pillen in een gripzakje
B.1.1.a vensterbank, 9 groene pillen in een gripzakje B.1.1.b vensterbank, 1,5 groene pil en ¼ oranje pil in een gripzakje
Deze drie doorzichtige gripzakjes met pillen zaten in een zwart gevlochten mandje dat op de vensterbank van de slaapkamer stond. Aan de bovenzijde was het mandje open en de gripzakjes met pillen lagen zichtbaar in het mandje.
Bewijsmiddel D
Goednummer: PL0900-2020409824-2754204
SIN: AANR4972NL
Relatie met SIN: AANW6651NL
Aantal: 16.5 stuksBijzonderheden: B.l.1 roze pillen in gripzak 16,5 pilgewicht netto: 8,24 gram
Rapport van 15 januari 2021, opgesteld door ing. N. van Doorn, NFI-deskundige
Tabel 1: onderzoeksmateriaal en conclusie
Kenmerk
Omschrijving FO
AANW6651NL
Tablet, roze, uit 8,24 gram
Bevat MDMA
Bewijsmiddel D
Goednummer: PL0900-2020409824-2754208
SIN: AANR4973NL
Relatie met SIN: AANW6658NL, AANW6659NL
Bijzonderheden: B. l. l. a groene pillen 9 stuks
Omschrijving: 8 hele groene tabletten + 1 deel
Gewicht netto: 4,46 gram
Rapport van 15 januari 2021, opgesteld door ing. N. van Doorn, NFI-deskundige
Tabel 1: onderzoeksmateriaal en conclusie
Kenmerk
Omschrijving FO
AANW6658NL
Tablet, groen, uit 4,05 gram
Bevat MDMA
Tabel 1: onderzoeksmateriaal en conclusie
Kenmerk
Omschrijving FO
AANW665NL
Tablet, groen, uit 0,41 gram
Bevat MDMA
Bewijsmiddel D
Goednummer: PL0900-2020409824-2754214
SIN: AANR4974NL
Relatie met SIN: AANW6656NL, AANW6657NL
Bijzonderheden: B. l. l. b, groen en oranje pillen beide 1,5 tot 3 pillen
Omschrijving: 2 tabletten + delen
Gewicht netto: 1,18 gram
Rapport van 15 januari 2021, opgesteld door ing. N. van Doorn, NFI-deskundige
Tabel 1: onderzoeksmateriaal en conclusie
Kenmerk
Omschrijving FO
AANW6656NL
Tablet, beige, uit 0,46 gram
Bevat MDMA
Tabel 1: onderzoeksmateriaal en conclusie
Kenmerk
Omschrijving FO
AANW6657NL
Tablet, beige, uit 0,72 gram
Bevat MDMA
De verklaring van verdachte dat deze middelen van hem zijn.
--
Bewijsmiddel A
Stenen berging (schuur), zichtbaar op stellingen:A.1.4: 52 gripzakjes met gekleurde pillen (in drie grote gripzakken) in een sporttas
Bewijsmiddel F
Goednummer: PL0900-2020409824-2752726SIN: AANX1721NLAantal: 2641 pillenGewicht: 1160,8 gram
Bijzonderheden: A.1.4 aangetroffen in schuurOmschrijving: Gripzakken (52) met geel, groen, rood en paarse tabletten
Goednummer: PL0900-2020409824-162583
SIN: AANZ6099NL
Relatie met SIN: AANX1721NL gele tabletten uit partij van 1160,80 gram
Rapport van 21 december 2020, opgesteld door ing. A.G.A. Spong, NFI-deskundige:
Tabel 1 Onderzoeksmateriaal en conclusie
Kenmerk
Omschrijving FO
AANZ6099NL
Tablet, geel, uit 1160,80 gram
Bevat MDMA
Bewijsmiddel F
Goednummer: PL0900-2020409824-162584
SIN: AANZ6100NL
Relatie met SIN: AANX1721NL Groene tabletten uit partij van 1160,80 gram
Rapport van 21 december 2020, opgesteld door ing. A.G.A. Spong, NFI-deskundige
Tabel 1 Onderzoeksmateriaal en conclusie
Kenmerk
Omschrijving FO
AANZ6100NL
Tablet, groen, uit 1160,80 gram
Bevat MDMA
Bewijsmiddel F
Goednummer: PL0900-2020409824-162585
SIN: AANZ6101NL
Relatie met SIN: AANX1721NL paarse tabletten uit partij van 1160,80 gram
Rapport van 21 december 2020, opgesteld door ing. A.G.A. Spong, NFI-deskundige:
Tabel 1 Onderzoeksmateriaal en conclusie
Kenmerk
Omschrijving FO
AANZ6101NL
Tablet, paars, uit 1160,80 gram
Bevat MDMA
Bewijsmiddel F
Goednummer: PL0900-2020409824-162586
SIN: AANW6550NL
Relatie met SIN: AANX1721NL
rode tabletten uit partij van 1160,80 gram
Rapport van 21 december 2020, opgesteld door ing. A.G.A. Spong, NFI-deskundige
Tabel 1 Onderzoeksmateriaal en conclusie
Kenmerk
Omschrijving FO
AANW6550NL
Tablet, rood, uit 1160,80 gram
Bevat MDMA
De verklaring van verdachte dat hij deze middelen daar samen met een ander opgeborgen heeft en dat hij vermoedde dat het om drugs ging.
Uit de hiervoor genoemde bewijsmiddelen volgt dat het totale gewicht van aangetroffen tabletten bevattende MDMA, (in ieder geval) de tenlastegelegde 1.334,31 gram betreft.
4.3.4.2 Met betrekking tot de amfetamine
Bewijsmiddel B
In het keukenblok zat een koel/vries-combinatie. In het diepvries gedeelte van de koel/vriescombinatie:C.5.1 een plastic bak met een witte substantieDe diepvries was verdeeld in enkele vakken. In het middelste vak lag een plastic bak. In dit vak lagen ook andere bevroren producten (etenswaren). Bij het openen van de diepvries was de plastic bak direct zichtbaar.
Bewijsmiddel C
Goednummer: PL0900-2020409824-2754217
SIN: AANR4789NL
Relatie met SIN: AANW6584NL
Bijzonderheden: C.5.1 witte substantie in plastic bak uit vriezer
Gewicht netto: 277,0 gram
Rapport van 4 januari 2021, opgesteld door ing. M. Visser – van Leeuwen, NFI-deskundige
Tabel 1 Onderzoeksmateriaal en conclusie
Kenmerk
Omschrijving FO
AANW6584NL
Pasta, wit, uit 277,00 gram
Bevat amfetamine
De verklaring van verdachte dat hij deze verdovende middelen voor een ander gekocht heeft.
--
Bewijsmiddel B
Bovenop de keukenkast stond een plastic bord waarop onder andere een zakje wit poeder lag.C.6.1: zakje wit poeder
Bewijsmiddel D
Goednummer: PL0900-2020409824-2754298SIN: AANR4979NL
Relatie met SIN: AANW6648NL
Bijzonderheden: C.6.1 witte brokjes en kruimels op gele plastic bordOmschrijving: Plastic zak met wit/geel poeder en brokjes
Gewicht: 16,21 gram
Rapport van 15 januari 2021, opgesteld door ing. N. van Doorn, NFI-deskundige
Tabel 1 Onderzoeksmateriaal en conclusie
Kenmerk
Omschrijving FO
AANW6648NL
Poeder en brokjes, wit/geel,uit 16,21 gram
Bevat amfetamine
De verklaring van verdachte, dat hij deze verdovende middelen voor een ander gekocht heeft, en dat hij deze hoeveelheid heeft gescheiden van de rest om te zien hoe het opdroogde.
In het onderzoeksmateriaal is 2C-B (4-bromo-2,5-dimethoxyfenethylamine) aangetoond. Deze substantie is vermeld op lijst I van de Opiumwet.
De verklaring van verdachte, dat deze verdovende middelen van hem zijn.
In het onderzoeksmateriaal is GHB aangetoond. Deze substantie is vermeld op lijst I van de Opiumwet.
De verklaring van verdachte: ik leen de Peugeot wel vaker aan mensen uit. De persoon voor wie ik spullen in mijn huis en schuur heb bewaard heet [A] en hij heeft de Peugeot ook geleend voor zijn verhuizing. Dat was kort voordat alles bij ons werd aangetroffen.
In de zwarte personenauto RAM 1500 Lamari met het kenteken [kenteken] lag een zwart op een vuurwapen gelijkend voorwerp (in afgesloten midden console).
Proces-verbaal forensisch onderzoek, verbalisant [verbalisant 6]
Ik kwam voor een forensisch onderzoek aan op de locatie [adres] , [woonplaats] in verband met het aantreffen van een mogelijk vuurwapen in een personenauto.
De volgende sporendragers werden in het belang van de bewijsvoering en/of nader
onderzoek veiliggesteld:
Sporendragers
Goednummer : PL0900-2020410043-2752876
SIN : AANW6498NL
Object : Vuurwapen (Gaspistool)
Serienummer : [nummer] .
Kennisgeving inbeslagname, opgemaakt door verbalisanten [verbalisant 7] , [verbalisant 6] , [verbalisant 8] en [verbalisant 9]
Volgnummer 1
Goednummer: PL0900-2020410043-2752876
Categorie: Wapens
Merk: Special Force
SIN: AANW6498NL
Registratienummer: [wapennummer]
Bijzonderheden : Gasdrukpistool kaliber 4.5mm bb, merk win gun.
Volgnummer 3
Goednummer: PL0900-2020410043-2752884
Categorie: Wapens
Merk: Colt Comb. Com.
SIN: AANW6497NL
Registratienummer: [nummer]
Bijzonderheden: veerdrukpistool kaliber 6mm BB
Proces-verbaal van bevindingen verbalisant [verbalisant 10]
Naar aanleiding van de onder dit proces aangetroffen en in beslag genomen
voorwerpen, is door mij, in het kader van de Wet wapens en munitie, een nader onderzoek aan deze voorwerpen ingesteld, waarbij het onderstaande werd bevonden.
Omschrijving voorwerpen.
1. Goednummers : PL0900-2020410043-2752876 (pistool)
SIN : AANW6498NL (pistool)
Wapen : nabootsing vuurwapen, gasdrukpistool
Categorie : I sub 7.
Het vorenomschreven gasdrukpistool is een voorwerp dat voor wat betreft vorm
en afmeting een sprekende gelijkenis vertoont met een echt bestaand vuurwapen,
namelijk een pistool, merk Sig Sauer, model P229 en is derhalve voor
bedreiging of afdreiging geschikt.
Derhalve is dit voorwerp een wapen in de zin van artikel 2, lid 1, categorie I,
onder 7 van de Wet wapens en munitie gelet op artikel 3 onder a van de Regeling
wapens en munitie.
2. Goednummer : PLO900-2020410043-2752884 (pistool)
SIN : AANW6497NL (pistool)
Wapen : nabootsing vuurwapen, veerdrukpistool
Categorie : I sub 7.
Het vorenomschreven veerdrukpistool is een voorwerp dat voor wat betreft vorm
en afmeting een sprekende gelijkenis vertoont met een echt bestaand vuurwapen,
namelijk een pistool, merk Colt, model Combat Commander en is derhalve voor
bedreiging of afdreiging geschikt.
Derhalve is dit voorwerp een wapen in de zin van artikel 2, lid 1, categorie I,
onder 7 van de Wet wapens en munitie gelet op artikel 3 onder a van de Regeling
wapens en munitie.
Bewijsoverweging ten aanzien van feit 6
Verdachte heeft verklaard dat hij bekend was met de aanwezigheid van deze wapens. Hij was in de veronderstelling dat dit speelgoedwapens zijn waarvan het bezit toegestaan is.
Op grond van de inhoud van voornoemde bewijsmiddelen verwerpt de rechtbank dit verweer.
Nu één van de wapens aangetroffen is in de auto van verdachte en geen bewijs voorhanden is dat medeverdachte bekend was met de aanwezigheid van dit wapen, zal de rechtbank met betrekking tot dit wapen verdachte partieel vrijspreken van het onderdeel medeplegen.
Het andere wapen is aangetroffen in de slaapkamer van verdachte en de medeverdachte. Ten aanzien van dit wapen acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte en medeverdachte dit wapen voorhanden hadden.
4.3.9 Voorts ten aanzien van feit 7
Bewijsmiddel B
Op de grond van de (ouder) slaapkamer lag een klapmes “Inox” met een houten heft.
Proces-verbaal van bevindingen verbalisant [verbalisant 8] ,
Het inbeslaggenomen klapmes is een Stiletto als bedoeld in artikel 2 lid 1 categorie I onder 1 van de Wet Wapens en Munitie en is verboden ingevolge artikel 13 lid 1 van de Wet Wapens en Munitie.
Strafbaarstelling in artikel 55 lid 1 van de Wet Wapens en Munitie.
De verklaring van verdachte, inhoudende dat dit mes van hem is.
Bewijsoverweging ten aanzien van feit 7
Het mes is aangetroffen op de vloer van de slaapkamer van verdachte en de medeverdachte. Dit maakt dat de rechtbank wettig en overtuigend bewezen acht dat verdachte en zijn medeverdachte dit mes voorhanden hadden.
De hiervoor weergegeven bewijsmiddelen worden steeds gebruikt tot het bewijs van het feit of de feiten, waarop zij blijkens hun inhoud uitdrukkelijk betrekking hebben. Sommige onderdelen van de bewijsmiddelen hebben niet betrekking op alle feiten, maar op één of meerdere feiten.
5 BEWEZENVERKLARING
De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte:
1.op 17 december 2020 te Woerden, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, opzettelijk aanwezig heeft gehad
- ongeveer 1334,31 gram van een materiaal bevattende MDMA en- 293,21 gram van een materiaal bevattende amfetamine en- 57,31 gram van een materiaal bevattende 2C-B en- ongeveer 148,2 kilogram van een materiaal bevattende gamma-hydroxyboterzuur (GHB)zijnde MDMA en amfetamine en 2C-B enf gamma-hydroxyboterzuur, zijnde middelen als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I;2.op 17 december 2020 te Woerden, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, opzettelijk aanwezig heeft gehad 1110 pillen, van een materiaal bevattende Diazepamzijnde Diazepam,een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II;3.op 17 december 2020 te Woerden, tezamen en in vereniging met een ander, aanwezig heeft gehad 19,5 gram van een gebruikelijk vast mengsel van hennephars en plantaardige elementen van hennep waaraan geen andere substanties zijn toegevoegd (hasjiesj), zijnde hasjiesj een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II;
5.op 17 december 2020, te Woerden voorwerpen, te weten een geldbedrag ter hoogte van 11.650 euro, heeft voorhanden gehad, terwijl hij wist dat bovenomschreven voorwerpen -onmiddellijk - afkomstig was uit enig eigen misdrijf;6.op 17 december 2020 te Woerden tezamen en in vereniging met een ander een wapen van categorie I, onder 7° van de Wet wapens en munitie, te weten een door de Minister van Justitie en Veiligheid aangewezen voorwerp dat een ernstige bedreiging van personen kon vormen en/of dat zodanig op een wapen geleek dat deze voor bedreiging of afdreiging geschikt was, namelijk meerdere voorwerpen die voor wat betreft hun vorm en afmetingen een sprekende gelijkenis vertonen met vuurwapens of met voor ontploffing bestemde voorwerpen te weten- een voorwerp in de vorm van een pistool, merk Wingun, model Special force [nummer] ,kaliber 4.5MM BB (voorzien van wapennummer [wapennummer] ), heeft voorhanden gehad
en
op 17 december 2020 te Woerden een wapens van categorie I, onder 7° van de Wet wapens en munitie, te weten een door de Minister van Justitie en Veiligheid aangewezen voorwerp dat een ernstige bedreiging van personen kon vormen en/of dat zodanig op een wapen geleek dat deze voor bedreiging of afdreiging geschikt was, namelijk meerdere voorwerpen die voor wat betreft hun vorm en afmetingen een sprekende gelijkenis vertonen met vuurwapens of met voor ontploffing bestemde voorwerpen te weteneen voorwerp in de vorm van een pistool, kaliber 6mm BB (voorzien van nummer [nummer] ) heeft voorhanden gehad;
7.op 17 december 2020 te Woerden, tezamen en in vereniging met een ander, een wapen van categorie I, onder 1° van de Wet wapens en munitie, te weten een stiletto, heeft voorhanden gehad.
Voor zover in het bewezen verklaarde deel van de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet in de verdediging geschaad.
Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd is niet bewezen. Verdachte wordt hiervan vrijgesproken.
6 STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN
Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het bewezen verklaarde uitsluit, zodat dit strafbaar is.
Het bewezen verklaarde levert volgens de wet de volgende strafbare feiten op:
Feit 1
Medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 2 onder C van de Opiumwet gegeven verbod, meermalen gepleegd;
Feit 2 en 3
Telkens, medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 3 onder C van de Opiumwet gegeven verbod;
Feit 5
Eenvoudig witwassen;
Feit 6
Handelen in strijd met artikel 13, eerste lid, Wet wapens en munitie
en
medeplegen van handelen in strijd met artikel 13, eerste lid, Wet wapens en munitie;
Feit 7
Medeplegen van handelen in strijd met artikel 13, eerste lid, Wet wapens en munitie.
7 STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
Er is geen omstandigheid gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is dan ook strafbaar.
8 OPLEGGING VAN STRAF
8.1 De vordering van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gevorderd verdachte ter zake van het door de officier van justitie bewezen geachte te veroordelen tot:
- een gevangenisstraf van 36 maanden, met aftrek van het voorarrest, waarvan een gedeelte van 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren, met als bijzondere voorwaarden reclasseringstoezicht met meldplicht en de gedragsinterventie cognitieve vaardigheden.
8.2 Het standpunt van de verdediging
De verdediging heeft bepleit aan verdachte een onvoorwaardelijk gevangenisstraf op te leggen gelijk aan het ondergane voorarrest, te weten 3,5 maand. Daarnaast kan voorwaardelijke gevangenisstraf worden opgelegd conform de LOVS oriëntatiepunten, met daaraan gekoppeld de bijzondere voorwaarden. Dit zal voorkomen dat verdachte opnieuw in de fout gaat. Daarnaast dient een taakstraf te worden opgelegd. Dit pakket aan straffen stelt verdachte in de gelegenheid zijn gezin financieel te blijven onderhouden.
8.3