1. Ten aanzien van degene voor wie op de dag voorafgaande aan die waarop deze wet inwerking treedt de draagkracht is vastgesteld voor een periode van een jaar op grond van het Bijstandsbesluit landelijke draagkrachtcriteria (Stb. 1980, 87), vindt artikel 18c van het Bijstandsbesluit landelijke normering eerst na afloop daarvan toepassing.
2. Indien in het kalenderjaar waarin deze wet in werking treedt reeds rekening gehouden is met het drempelbedrag bedoeld in artikel 6 van het Bijstandsbesluit landelijke draagkrachtcriteria of artikel 2 van de Beschikking regeling drempelbedrag voor personen in een inrichting (Stcrt. 1985, 64), blijft artikel 18c van het Bijstandsbesluit landelijke normering in dat kalenderjaar buiten toepassing.
3. Ten aanzien van kosten waarvoor op de dag voorafgaande aan die waarop deze wet in werking treedt bijstand wordt ontvangen gedurende een periode korter dan een jaar met inachtneming van artikel 6b, derde en vierde lid, 6c tweede lid, 6d derde lid, 6e of artikel 13 onderdeel a van het Bln, zoals deze bepalingen luidden voor de inwerkingtreding van deze wet, vinden de artikelen 18b en 18c eerst toepassing een jaar na toekenning van de bijstand.