Alle pensioenen toegekend krachtens de
artikelen 16 of
44 dan wel
61 of
88 van de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers, zoals die artikelen luidden voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet, worden, voor zover zij op dat tijdstip worden genoten, met ingang van dat tijdstip geacht te zijn toegekend krachtens artikel 15 dan wel artikel 60 van de genoemde wet.