1. Indien de krachtens deze verordening verschuldigde retributie is betaald aan de krachtens de
Verordening hygiënevoorschriften pluimveehouderij 1999 aangewezen controle-instelling, te dier zake optredende als gemachtigde van het Productschap, is degene die de retributie is verschuldigd, daarmee gekweten.
2. Voor zover het bepaalde in het voorgaande lid geen toepassing heeft gevonden, geschiedt de oplegging van de krachtens deze verordening verschuldigde retributie door de Voorzitter bij een tot de betreffende ondernemer gericht schrijven, waarin wordt vermeld de controle waarop de retributie betrekking heeft.