1. Onverminderd het bepaalde bij of krachtens enig ander wettelijk voorschrift, en op de voet van het bepaalde in
artikel 2, van de Verordening huishoudelijke heffing dieren 2003, is de ondernemer, die in het jaar 2003 een of meer dieren slacht of doet slachten aan het productschap ten behoeve van de dekking van uitgaven met betrekking tot vleespromotie voor het Propagandafonds een heffing verschuldigd volgens het navolgende tarief:
[tabel]
2. De in het eerste lid bedoelde heffing mag niet als zodanig in mindering worden gebracht op de aan de leverancier uit te betalen prijs.
3. De ingevolge het eerste lid verschuldigde heffing is verschuldigd naast de heffing die de ondernemer verschuldigd is ingevolge de
Heffingsverordening Propagandafonds 2003.
4. De heffing, bedoeld in het eerste lid, wordt niet opgelegd voor een dier, ten aanzien waarvan ten genoege van het productschap wordt aangetoond, dat de periode tussen het tijdstip van invoer en het tijdstip van slacht onderscheidenlijk de periode tussen het tijdstip van invoer en het tijdstip van uitvoer korter is dan twee maanden.