1. Elke ondernemer die nertsen of vossen houdt is aan het productschap een heffing verschuldigd over het aantal moederdieren nertsen en moederdieren vossen die hij op het tijdstip van de landbouwtelling in het kalenderjaar 2003 houdt.
2. Het tarief van de in het eerste lid bedoelde heffing bedraagt: € 0,3596 per moederdier nerts en moederdier vos,
waarvan:
€ 0,03652 voor de dekking van huishoudelijke uitgaven,
€ 0,13613 voor het gezondheidszorgfonds en
€ 0,18695 voor het o. en o. fonds
bestemd is.
Een ingevolge deze verordening verschuldigd heffingsbedrag dient uiterlijk binnen 14 dagen nadat dit bedrag aan de betrokken ondernemer in rekening is gebracht, aan het productschap te worden voldaan.
1. Een schuldenaar, die enig door hem uit hoofde van het bij of krachtens een heffingsverordening bepaalde verschuldigde heffing niet tijdig volledig heeft betaald is, na bij aangetekend schrijven aangemaand om binnen een termijn van 10 dagen de heffing te voldoen, aan het productschap deze heffing verschuldigd, verhoogd met de op de invordering vallende kosten, waaronder begrepen de wettelijke rente.
2. De in het eerste lid bedoelde rente wordt berekend vanaf de dag waarop de in dat lid genoemde termijn is verstreken tot aan de dag van de algehele voldoening.
Het niet nakomen van een verplichting gesteld in artikel 3, waaronder mede wordt verstaan het verstrekken van geheel of gedeeltelijk onjuiste gegevens is een strafbaar feit.
1. De door het productschap uit hoofde van deze verordening verkregen gegevens omtrent ondernemingen worden in handen gesteld van de voorzitter van het productschap; zij worden behoudens aan personeelsleden van het secretariaat van het productschap, niet bekend gemaakt.
2. De voorzitter van het productschap kan, in afwijking van het gestelde in het eerste lid, besluiten tot bekendmaking van getotaliseerde gegevens omtrent groepen van ondernemingen, doch nimmer op zodanige wijze dat daaruit gegevens omtrent een bepaalde onderneming kunnen worden afgeleid.
De voorzitter van het productschap is bevoegd, onder door het bestuur te stellen regelen, van het bepaalde in of krachtens deze verordening ontheffing te verlenen en daaraan voorwaarden te verbinden.
De voorzitter kan artikel 3, 4, 5 en 6 buiten toepassing laten of daarvan afwijken voor zover toepassing gelet op het belang dat deze verordening beoogt te beschermen zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard.
Deze verordening treedt in werking op de dag na publicatie in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie werkt terug tot 1 januari 2003, met uitzondering van het bepaalde in artikel 6.