1. Het bestuur beslist over de bestemming van de middelen van het fonds.
2. Het bestuur neemt geen besluit over de bestemming van de middelen van het fonds dan na advies van de commissie detailhandel.
3. Bij de bestemming van de middelen dient te allen tijde voldaan te worden aan de voorwaarden gesteld in de Europese en nationale regelingen met betrekking tot steun- en subsidieverlening.
4. Bij uitvoering van het bepaalde in het eerste en derde lid, kan de voorzitter beschikkingen of besluiten nemen als bedoeld in
titel 4.2 Subsidies van de Algemene wet bestuursrecht.