BWBR0028228
Geldig vanaf 10-10-2010
Artikel 6
Arbeidsveiligheidswet BES
1. Met het opsporen der feiten strafbaar gesteld bij artikel 5 zijn, behalve de bij artikel 8 van het Wetboek van Strafvordering BES aangewezen personen, belast de daartoe door Onze Minister van Justitie aan te wijzen ambtenaren.
2. De in het vorige lid bedoelde opsporingsambtenaren hebben toegang tot alle plaatsen, waar arbeid wordt verricht of pleegt te worden verricht.
3. Wordt hun de toegang geweigerd dan verschaffen zij zich die desnoods met inroeping van de sterke arm.
4. Is de plaats bedoeld in het tweede lid van dit artikel tevens een woning of alleen door een woning toegankelijk, dan treden zij tegen de wil van de bewoner niet binnen dan op vertoon van een schriftelijke last van een ambtenaar van het openbaar ministerie, dan wel in diens tegenwoordigheid. Van dit binnentreden wordt door hen proces-verbaal opgemaakt en binnen twee maal vier en twintig uren aan degene, wiens woning is binnengetreden, in afschrift medegedeeld.
2. De in het vorige lid bedoelde opsporingsambtenaren hebben toegang tot alle plaatsen, waar arbeid wordt verricht of pleegt te worden verricht.
3. Wordt hun de toegang geweigerd dan verschaffen zij zich die desnoods met inroeping van de sterke arm.
4. Is de plaats bedoeld in het tweede lid van dit artikel tevens een woning of alleen door een woning toegankelijk, dan treden zij tegen de wil van de bewoner niet binnen dan op vertoon van een schriftelijke last van een ambtenaar van het openbaar ministerie, dan wel in diens tegenwoordigheid. Van dit binnentreden wordt door hen proces-verbaal opgemaakt en binnen twee maal vier en twintig uren aan degene, wiens woning is binnengetreden, in afschrift medegedeeld.
- Citeren als
- Art. 6
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0028228
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl