1. De ondernemer die gewasbeschermingsmiddelen toepast, dient te beschikken over reinigingsapparatuur.
2. De ondernemer die gewasbeschermingsmiddelen toepast, is verplicht de verpakking daarvan onmiddellijk en aansluitend op de lediging ervan te reinigen met de reinigingsapparatuur.
3. Van de verplichtingen, genoemd in het eerste en tweede lid, kan worden afgeweken ingeval gewasbeschermingsmiddelen worden toegepast door middel van spuitapparatuur en de ondernemer niet over reinigingsapparatuur kan beschikken, mits de verpakking onmiddellijk en aansluitend op de lediging ervan enkele malen wordt omgespoeld met schoon leidingwater, waarna het spoelwater in de vloeistoftank van de spuitapparatuur wordt gedeponeerd.
4. gewasbeschermingsmiddelen aanwezig te hebben, welke meer dan 0,01% van het gewicht van het middel, oorspronkelijk aanwezig in de verpakking, bevat.