Het intrekken van het Nederlanderschap op grond van
artikel 14, tweede lid, onderdeel b, wegens een misdrijf als bedoeld in
artikel 134a van het Nederlandse Wetboek van Strafrecht is niet toegestaan in geval van een veroordeling wegens dit misdrijf, die onherroepelijk is geworden voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze Rijkswet.