BWBR0002063
Geldig vanaf 2015-12-09
Artikel 30a
Wet op de economische delicten
1. Van de beschikking van het hof kan het openbaar ministerie binnen veertien dagen en de verdachte binnen veertien dagen na de betekening beroep in cassatie instellen.
2. De verdachte is, op straffe van niet-ontvankelijkheid, verplicht binnen een maand na het instellen van dat beroep bij de Hoge Raad der Nederlanden door een advocaat een schriftuur te doen indienen, houdende zijn middelen van cassatie.
3. Artikel 57is van overeenkomstige toepassing.
4. De Hoge Raad beslist zo spoedig mogelijk.
2. De verdachte is, op straffe van niet-ontvankelijkheid, verplicht binnen een maand na het instellen van dat beroep bij de Hoge Raad der Nederlanden door een advocaat een schriftuur te doen indienen, houdende zijn middelen van cassatie.
3. Artikel 57is van overeenkomstige toepassing.
4. De Hoge Raad beslist zo spoedig mogelijk.