BWBR0002130
Geldig vanaf 01-10-1992
Artikel 1
Vestigingswet Bedrijven 1954
1. Voor de toepassing van het bij of krachtens deze wet bepaalde wordt verstaan onder:
inrichting: een krachtens artikel 4b of 16 aangewezen besloten ruimte of ander ondernemingsonderdeel;
beheerder: degene die onmiddellijke leiding geeft aan de uitoefening van een krachtens artikel 4 aangewezen bedrijf;
bedrijfsleider: degene die algemene leiding geeft aan een onderneming, waarin een krachtens artikel 4 aangewezen bedrijf wordt uitgeoefend;
produktschap, hoofdbedrijfschap, bedrijfschap: een produkt-, een hoofdbedrijf- of een bedrijfschap, als bedoeld in artikel 66 van de Wet op de Bedrijfsorganisatie (Stb. 1950, K 22), ingesteld voor ondernemingen, waarin het betrokken bedrijf wordt uitgeoefend;
bedrijfslichaam: een produktschap, hoofdbedrijfschap of een bedrijfschap.
2. Voor de toepassing van het bij of krachtens deze wet bepaalde wordt onder onderneming mede verstaan een bedrijf, waarmede niet wordt beoogd het maken van winst.
inrichting: een krachtens artikel 4b of 16 aangewezen besloten ruimte of ander ondernemingsonderdeel;
beheerder: degene die onmiddellijke leiding geeft aan de uitoefening van een krachtens artikel 4 aangewezen bedrijf;
bedrijfsleider: degene die algemene leiding geeft aan een onderneming, waarin een krachtens artikel 4 aangewezen bedrijf wordt uitgeoefend;
produktschap, hoofdbedrijfschap, bedrijfschap: een produkt-, een hoofdbedrijf- of een bedrijfschap, als bedoeld in artikel 66 van de Wet op de Bedrijfsorganisatie (Stb. 1950, K 22), ingesteld voor ondernemingen, waarin het betrokken bedrijf wordt uitgeoefend;
bedrijfslichaam: een produktschap, hoofdbedrijfschap of een bedrijfschap.
2. Voor de toepassing van het bij of krachtens deze wet bepaalde wordt onder onderneming mede verstaan een bedrijf, waarmede niet wordt beoogd het maken van winst.
- Citeren als
- Art. 1
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0002130
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl