BWBR0002457
Geldig vanaf 16-10-1964
Artikel 7
Noodwet rechtspleging
1. De president van een gerechtshof, waarvoor de in artikel 4 omschreven voorziening is getroffen, kan in afwijking van de aanwijzing als bedoeld in artikel 14, derde lid, van de Wet op de rechterlijke organisatie gerechtsambtenaren werkzaamheden van de griffier opdragen.
2. De president van een rechtbank, waarvoor de in artikel 4 omschreven voorziening is getroffen, kan in afwijking van de aanwijzing als bedoeld in artikel 14, derde lid, van de Wet op de rechterlijke organisatie gerechtsambtenaren werkzaamheden van de griffier opdragen.
2. De president van een rechtbank, waarvoor de in artikel 4 omschreven voorziening is getroffen, kan in afwijking van de aanwijzing als bedoeld in artikel 14, derde lid, van de Wet op de rechterlijke organisatie gerechtsambtenaren werkzaamheden van de griffier opdragen.
- Citeren als
- Art. 7
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0002457
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl