BWBR0002555
Geldig vanaf 05-06-1996
Artikel 4
Besluit aanvragen vergunningen en ontheffingen Mijnwet continentaal plat
1. In de aanvrage om een vergunning of een ontheffing moet, tenzij het betreft een opsporingsvergunning voor koolwaterstoffen, worden opgegeven de ligging van het gebied, waarvoor de vergunning of ontheffing wordt gevraagd, onder vermelding van de ligging van de hoekpunten daarvan, uitgedrukt in geografische coördinaten, berekend volgens het stelsel van de Europese vereffening, alsmede de oppervlakte van dat gebied, uitgedrukt in km2.
2. Bij een aanvrage als bedoeld in het eerste lid moet in zesvoud een kaart worden overgelegd overeenkomend met en op dezelfde schaal als de kaart, welke door Onze Minister van Economische Zaken wordt vastgesteld, waarop de naam van de aanvrager is vermeld en waarop het gebied is aangegeven, waarvoor de vergunning of ontheffing wordt gevraagd.
3. Bij de hoekpunten van het gebied, waarvoor de vergunning of ontheffing wordt gevraagd, moeten op de kaart letters worden geplaatst. De ligging van de hoekpunten moet op de kaart worden aangegeven in geografische coördinaten, berekend volgens het stelsel van de Europese vereffening.
2. Bij een aanvrage als bedoeld in het eerste lid moet in zesvoud een kaart worden overgelegd overeenkomend met en op dezelfde schaal als de kaart, welke door Onze Minister van Economische Zaken wordt vastgesteld, waarop de naam van de aanvrager is vermeld en waarop het gebied is aangegeven, waarvoor de vergunning of ontheffing wordt gevraagd.
3. Bij de hoekpunten van het gebied, waarvoor de vergunning of ontheffing wordt gevraagd, moeten op de kaart letters worden geplaatst. De ligging van de hoekpunten moet op de kaart worden aangegeven in geografische coördinaten, berekend volgens het stelsel van de Europese vereffening.
- Citeren als
- Art. 4
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0002555
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl