BWBR0002939
Geldig vanaf 1974-11-01
Artikel 2
Besluit zwavelgehalte brandstoffen
1. Artikel 1, eerste lid, geldt niet voor het gebruik van brandstoffen:
a. dat noodzakelijk is geworden ten gevolge van schade aan een schip of aan de uitrusting daarvan, mits na het ontstaan van de schade alle redelijke voorzorgen zijn getroffen om te hoge emissies te beperken, en mits er zo spoedig mogelijk maatregelen worden genomen om de schade te herstellen. Dit artikellid is niet van toepassing wanneer de eigenaar van het schip of de kapitein handelde met de bedoeling schade te veroorzaken of roekeloos handelde;
b. in een schip specifiek om de veiligheid van een schip zeker te stellen of om mensenlevens op zee te redden.
2. Artikel 1, eerste lid, onder d, en tweede lid, geldt niet voor stoffen aanwezig in de brandstoftank van een vaartuig, voertuig of luchtvaartuig dat binnen het Nederlands grondgebied wordt gebracht.
3. Artikel 1, eerste lid, onder b en d, geldt niet voor zeeschepen.
4. Artikel 1, eerste tot en met derde lid, geldt niet voor:
a. brandstoffen die bestemd zijn voor onderzoek en testen;
b. brandstoffen die vóór hun definitieve verbranding nog een processtap ondergaan;
c. brandstoffen die in de raffinage-industrie worden verwerkt;
d. brandstoffen bestemd voor het gebruik door oorlogsschepen en andere vaartuigen die in militair verband worden gebruikt.
5. Artikel 1, eerste lid, onder c, is niet van toepassing op binnenschepen met een certificaat waaruit blijkt dat zij voldoen aan de voorschriften van het op 1 november 1974 te Londen totstandgekomen Verdrag inzake de beveiliging van mensenlevens op zee (Trb. 1976, 157) en de bij dat verdrag behorende bindende protocollen, aanhangsels en bijlagen, wanneer deze schepen op zee zijn.
6. Voor zover bij of krachtens een algemene maatregel van bestuur op grond van artikel 8.40, onderscheidenlijk artikel 8.44 van de Wet milieubeheergestelde eisen met betrekking tot de uitworp van zwaveloxiden als gevolg van het gebruik van een brandstof op een stookinstallatie van toepassing zijn, geldt het in artikel 1, eerste lid, gestelde verbod niet voor die brandstof.
7. Dit besluit geldt niet voor brandstoffen waarop het Besluit kwaliteitseisen brandstoffen wegverkeervan toepassing is.
8. Bij ministeriële regeling kan Onze Minister bepalen dat artikel 1, eerste lid, onder c, niet geldt, indien gebruik wordt gemaakt van een goedgekeurde emissiereductietechnologie. In de ministeriële regeling worden regels gesteld met betrekking tot de keuring van een emissiereductietechnologie.
a. dat noodzakelijk is geworden ten gevolge van schade aan een schip of aan de uitrusting daarvan, mits na het ontstaan van de schade alle redelijke voorzorgen zijn getroffen om te hoge emissies te beperken, en mits er zo spoedig mogelijk maatregelen worden genomen om de schade te herstellen. Dit artikellid is niet van toepassing wanneer de eigenaar van het schip of de kapitein handelde met de bedoeling schade te veroorzaken of roekeloos handelde;
b. in een schip specifiek om de veiligheid van een schip zeker te stellen of om mensenlevens op zee te redden.
2. Artikel 1, eerste lid, onder d, en tweede lid, geldt niet voor stoffen aanwezig in de brandstoftank van een vaartuig, voertuig of luchtvaartuig dat binnen het Nederlands grondgebied wordt gebracht.
3. Artikel 1, eerste lid, onder b en d, geldt niet voor zeeschepen.
4. Artikel 1, eerste tot en met derde lid, geldt niet voor:
a. brandstoffen die bestemd zijn voor onderzoek en testen;
b. brandstoffen die vóór hun definitieve verbranding nog een processtap ondergaan;
c. brandstoffen die in de raffinage-industrie worden verwerkt;
d. brandstoffen bestemd voor het gebruik door oorlogsschepen en andere vaartuigen die in militair verband worden gebruikt.
5. Artikel 1, eerste lid, onder c, is niet van toepassing op binnenschepen met een certificaat waaruit blijkt dat zij voldoen aan de voorschriften van het op 1 november 1974 te Londen totstandgekomen Verdrag inzake de beveiliging van mensenlevens op zee (Trb. 1976, 157) en de bij dat verdrag behorende bindende protocollen, aanhangsels en bijlagen, wanneer deze schepen op zee zijn.
6. Voor zover bij of krachtens een algemene maatregel van bestuur op grond van artikel 8.40, onderscheidenlijk artikel 8.44 van de Wet milieubeheergestelde eisen met betrekking tot de uitworp van zwaveloxiden als gevolg van het gebruik van een brandstof op een stookinstallatie van toepassing zijn, geldt het in artikel 1, eerste lid, gestelde verbod niet voor die brandstof.
7. Dit besluit geldt niet voor brandstoffen waarop het Besluit kwaliteitseisen brandstoffen wegverkeervan toepassing is.
8. Bij ministeriële regeling kan Onze Minister bepalen dat artikel 1, eerste lid, onder c, niet geldt, indien gebruik wordt gemaakt van een goedgekeurde emissiereductietechnologie. In de ministeriële regeling worden regels gesteld met betrekking tot de keuring van een emissiereductietechnologie.