BWBR0003081
Geldig vanaf 2014-12-18
Artikel 4
Wet op de dierproeven
1. Op een aanvrage om instellingsvergunning wordt binnen acht weken beslist. Onze Minister kan bij beschikking deze termijn eenmaal met ten hoogste acht weken verlengen.
2. Onze Minister beslist in overeenstemming met Onze Ministers wie het mede aangaat.
3. Van het verlenen van een instellingsvergunning wordt in de Staatscourantmededeling gedaan. Daarbij worden de hoofdzaken vermeld van hetgeen de instellingsvergunning bevat met betrekking tot het doel van de proeven en van de in de instellingsvergunning gestelde beperkingen en voorschriften. Toepassing van de vorige volzin kan achterwege blijven, voor zover daartegen op in de mededeling aan te geven gronden bezwaren bestaan.
2. Onze Minister beslist in overeenstemming met Onze Ministers wie het mede aangaat.
3. Van het verlenen van een instellingsvergunning wordt in de Staatscourantmededeling gedaan. Daarbij worden de hoofdzaken vermeld van hetgeen de instellingsvergunning bevat met betrekking tot het doel van de proeven en van de in de instellingsvergunning gestelde beperkingen en voorschriften. Toepassing van de vorige volzin kan achterwege blijven, voor zover daartegen op in de mededeling aan te geven gronden bezwaren bestaan.