BWBR0003097
Geldig vanaf 1977-01-01
Artikel 3
Besluit toelating rechtspersonen maatschappelijke dienstverlening
1. De statuten of reglementen van de rechtspersoon bevatten bepalingen omtrent:
a. de doelstelling en het werkgebied van de rechtspersoon;
b. de wijze waarop de relatie wordt onderhouden met de bevolking van het werkgebied en de relatie met samenhangende voorzieningen op het terrein van de maatschappelijke dienstverlening, de gezondheidszorg en andere verwante terreinen;
c. de wijze waarop de cliënten of hun wettelijke vertegenwoordigers en de medewerkers van de rechtspersoon bij het beleid van de inrichting of instelling worden betrokken.
2. De statuten of reglementen van de rechtspersoon bevatten bepalingen overeenkomstig het navolgende:
a. de dienstverlening door de instelling of de inrichting wordt niet geweigerd op grond van geloofs- of levensovertuiging, ras of nationaliteit van de cliënt;
b. bestuurders hebben geen direct of indirect financieel belang bij de oprichting of de exploitatie van de inrichting of instelling anders dan uit een dienstverband.
3. De rechtspersoon heeft in de statuten of reglementen geen bepalingen die strijden met de wet of haar uitvoeringsmaatregelen.
a. de doelstelling en het werkgebied van de rechtspersoon;
b. de wijze waarop de relatie wordt onderhouden met de bevolking van het werkgebied en de relatie met samenhangende voorzieningen op het terrein van de maatschappelijke dienstverlening, de gezondheidszorg en andere verwante terreinen;
c. de wijze waarop de cliënten of hun wettelijke vertegenwoordigers en de medewerkers van de rechtspersoon bij het beleid van de inrichting of instelling worden betrokken.
2. De statuten of reglementen van de rechtspersoon bevatten bepalingen overeenkomstig het navolgende:
a. de dienstverlening door de instelling of de inrichting wordt niet geweigerd op grond van geloofs- of levensovertuiging, ras of nationaliteit van de cliënt;
b. bestuurders hebben geen direct of indirect financieel belang bij de oprichting of de exploitatie van de inrichting of instelling anders dan uit een dienstverband.
3. De rechtspersoon heeft in de statuten of reglementen geen bepalingen die strijden met de wet of haar uitvoeringsmaatregelen.