BWBR0003222
Geldig vanaf 1979-07-01
Artikel 19
Wet op de huurcommissies
1. De huurcommissie beraadslaagt en beslist in raadkamer en grondt haar uitspraken uitsluitend op hetgeen ter zitting is besproken en op de stukken, die overeenkomstig het in artikel 17, zesde lid, gegeven voorschrift ter inzage zijn gelegd.
2. De uitspraken van de huurcommissie zijn met redenen omkleed en vermelden de namen van degenen die aan de behandeling der zaak hebben deelgenomen. Zij worden door de voorzitter en door de secretaris ondertekend.
3. De secretaris zendt onverwijld aan de huurder en de verhuurder een afschrift van de uitspraak en, desverzocht, aan ieder van hen nog ten hoogste twee exemplaren.
4. Indien in de uitspraak van de huurcommissie wordt vastgesteld dat een woonruimte een of meer ernstige gebreken of tekortkomingen in het onderhoud vertoont die het woongenot ernstig schaden zendt de secretaris bovendien afschrift aan de inspecteur van de volkshuisvesting en aan burgemeester en wethouders van de gemeente waarin de woonruimte is gelegen.
2. De uitspraken van de huurcommissie zijn met redenen omkleed en vermelden de namen van degenen die aan de behandeling der zaak hebben deelgenomen. Zij worden door de voorzitter en door de secretaris ondertekend.
3. De secretaris zendt onverwijld aan de huurder en de verhuurder een afschrift van de uitspraak en, desverzocht, aan ieder van hen nog ten hoogste twee exemplaren.
4. Indien in de uitspraak van de huurcommissie wordt vastgesteld dat een woonruimte een of meer ernstige gebreken of tekortkomingen in het onderhoud vertoont die het woongenot ernstig schaden zendt de secretaris bovendien afschrift aan de inspecteur van de volkshuisvesting en aan burgemeester en wethouders van de gemeente waarin de woonruimte is gelegen.