BWBR0003549
Geldig vanaf 2015-01-01
Artikel 28a
Wet op de expertisecentra
1. Het bevoegd gezag van een of meer scholen voor speciaal onderwijs of speciaal en voortgezet speciaal onderwijs behorend tot cluster 3 en 4, bedoeld in artikel 2, vierde lid, is voor elke vestiging van die school of scholen voor zover daaraan speciaal onderwijs wordt verzorgd, aangesloten bij een samenwerkingsverband als bedoeld in artikel 18a, tweede lid, van de Wet op het primair onderwijsof bij een landelijk samenwerkingsverband als bedoeld in artikel 18a, vijftiende lid, van die wet. Artikel 18a, vierde lid, en artikel 163c, derde lid, van die wetzijn van overeenkomstige toepassing.
2. Het bevoegd gezag van een of meer scholen voor voortgezet speciaal onderwijs of speciaal en voortgezet speciaal onderwijs behorend tot cluster 3 en 4, bedoeld in artikel 2, vierde lid, is voor elke vestiging van die school of scholen voor zover daaraan voortgezet speciaal onderwijs wordt verzorgd, aangesloten bij een samenwerkingsverband als bedoeld in artikel 2.47, tweede lid, van de Wet voortgezet onderwijs 2020of bij een landelijk samenwerkingsverband als bedoeld in artikel 2.47, achttiende lid, van die wet. Artikel 2.47, vijfde lid, en artikel 2.49, derde lid, van die wetzijn van overeenkomstige toepassing.
3. Onverminderd het eerste en tweede lid, kan het bevoegd gezag deelnemen aan een samenwerkingsverband op grond van artikel 18a, vijfde lid, van de Wet op het primair onderwijsof artikel 2.47, zesde lid, van de Wet voortgezet onderwijs 2020.
2. Het bevoegd gezag van een of meer scholen voor voortgezet speciaal onderwijs of speciaal en voortgezet speciaal onderwijs behorend tot cluster 3 en 4, bedoeld in artikel 2, vierde lid, is voor elke vestiging van die school of scholen voor zover daaraan voortgezet speciaal onderwijs wordt verzorgd, aangesloten bij een samenwerkingsverband als bedoeld in artikel 2.47, tweede lid, van de Wet voortgezet onderwijs 2020of bij een landelijk samenwerkingsverband als bedoeld in artikel 2.47, achttiende lid, van die wet. Artikel 2.47, vijfde lid, en artikel 2.49, derde lid, van die wetzijn van overeenkomstige toepassing.
3. Onverminderd het eerste en tweede lid, kan het bevoegd gezag deelnemen aan een samenwerkingsverband op grond van artikel 18a, vijfde lid, van de Wet op het primair onderwijsof artikel 2.47, zesde lid, van de Wet voortgezet onderwijs 2020.