BWBR0003627
Geldig vanaf 2004-11-17
Artikel 5
Vaststellingsbesluit Binnenvaartpolitiereglement
1. In het Binnenvaartpolitiereglementwordt onder de bevoegde autoriteit verstaan:
a. voor de vaarwegen in beheer bij het Rijk, de personen die worden aangewezen door Onze Minister;
b. voor de vaarwegen in beheer bij een ander openbaar lichaam, de personen die worden aangewezen telkens door het bestuur van het openbare lichaam;
c. voor de vaarwegen niet in beheer bij enig openbaar lichaam, de personen die worden aangewezen door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente waarin telkens de vaarweg is gelegen.
2. In de volgende bepalingen van het Binnenvaartpolitiereglementworden onder de bevoegde autoriteit eveneens verstaan de ambtenaren van politie die zijn aangesteld voor de uitvoering van de politietaak: artikelen 1.10, vierde lid, 1.12, derde en vierde lid, 1.13, tweede en derde lid, 1.14, 1.15, tweede lid, 1.17, eerste lid, 1.20, 6.19, zesde lid, en 7.02, derde lid.
a. voor de vaarwegen in beheer bij het Rijk, de personen die worden aangewezen door Onze Minister;
b. voor de vaarwegen in beheer bij een ander openbaar lichaam, de personen die worden aangewezen telkens door het bestuur van het openbare lichaam;
c. voor de vaarwegen niet in beheer bij enig openbaar lichaam, de personen die worden aangewezen door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente waarin telkens de vaarweg is gelegen.
2. In de volgende bepalingen van het Binnenvaartpolitiereglementworden onder de bevoegde autoriteit eveneens verstaan de ambtenaren van politie die zijn aangesteld voor de uitvoering van de politietaak: artikelen 1.10, vierde lid, 1.12, derde en vierde lid, 1.13, tweede en derde lid, 1.14, 1.15, tweede lid, 1.17, eerste lid, 1.20, 6.19, zesde lid, en 7.02, derde lid.