BWBR0003768
Geldig vanaf 1999-06-30
Artikel 15b
Regeling bewijzen van bekwaamheid O.W.V.O.
1. Aan de bewijzen van bekwaamheid genoemd onder 3.2, 3.3, 3.4, 3.21, 14.1, 14.10, 17.2 en 17.4 in Bijlage Ibij deze regeling, is de bevoegdheid verbonden tot het geven van onderwijs in de vakken Nederlands, Engels, wiskunde, geschiedenis, aardrijkskunde, biologie (incl. kennis der natuur), verzorging, muziek, handvaardigheid (textiele werkvormen) en tekenen, in de soorten van onderwijs vallend onder de codering 2a, voor zover dit onderwijs wordt gegeven aan groepen van uitsluitend geïndiceerde leerlingen in het leerwegondersteunend onderwijs en het praktijkonderwijs.
2. Aan de bewijzen van bekwaamheid genoemd in het eerste lid is tevens de bevoegdheid verbonden tot het geven van onderwijs in de praktijk orië nterende vakken van het praktijkonderwijs.
3. Het eerste en tweede lid is van overeenkomstige toepassing op de akten van bekwaamheid genoemd onder 7.1 en 7.2, en de getuigschriften hoger beroepsonderwijs van met goed gevolg afgelegd examen in de ten minste vierjarige studierichting opleiding tot leraar voortgezet onderwijs van de tweede graad genoemd onder 2.41, 7.3, 7.4 en 8.7, indien de bezitter in de afgelopen vijf jaren direct voorafgaand aan de samenvoeging van een school of afdeling voor svo met een school voor voortgezet onderwijs dan wel omzetting van die school of afdeling in een school of afdeling voor praktijkonderwijs of een orthopedagogisch-didactisch centrum aan de school of afdeling voor svo verbonden is geweest.
2. Aan de bewijzen van bekwaamheid genoemd in het eerste lid is tevens de bevoegdheid verbonden tot het geven van onderwijs in de praktijk orië nterende vakken van het praktijkonderwijs.
3. Het eerste en tweede lid is van overeenkomstige toepassing op de akten van bekwaamheid genoemd onder 7.1 en 7.2, en de getuigschriften hoger beroepsonderwijs van met goed gevolg afgelegd examen in de ten minste vierjarige studierichting opleiding tot leraar voortgezet onderwijs van de tweede graad genoemd onder 2.41, 7.3, 7.4 en 8.7, indien de bezitter in de afgelopen vijf jaren direct voorafgaand aan de samenvoeging van een school of afdeling voor svo met een school voor voortgezet onderwijs dan wel omzetting van die school of afdeling in een school of afdeling voor praktijkonderwijs of een orthopedagogisch-didactisch centrum aan de school of afdeling voor svo verbonden is geweest.