BWBR0003771
Geldig vanaf 01-08-1994
Artikel I-C11
Rechtspositiebesluit onderwijspersoneel
1. Aan de betrokkene verleent het bevoegd gezag in elk kalenderjaar vakantieverlof met behoud van bezoldiging.
2. De duur van het vakantieverlof per kalenderjaar wordt afhankelijk van het salaris in de desbetreffende betrekking bij de aanvang van het kalenderjaar, dan wel, in geval van indiensttreding in de loop van het kalenderjaar, op het tijdstip van indiensttreding vastgesteld volgens onderstaande tabel, waarbij onder schaal wordt verstaan de desbetreffende schaal bedoeld in hoofdstuk I-P.
[tabel]
3. De ingevolge het tweede lid vastgestelde duur van het vakantieverlof wordt afhankelijk van de leeftijd die de betrokkene in het desbetreffende kalenderjaar bereikt, verlengd overeenkomstig de hierna volgende tabel:
[tabel]
4. Het derde lid is niet van toepassing op de betrokkene die gebruik maakt van hoofdstuk I-V.
5. Met ingang van de dag waarop de betrokkene gebruik maakt van hoofdstuk I-V, wordt zijn aanspraak op vakantieverlof-uren verminderd in verhouding tot de vermindering van zijn werktijd.
6. Op verzoek van de betrokkene en voor zover de werkzaamheden aan de instelling dit toelaten, wordt hem het vakantieverlof ononderbroken verleend. Bij splitsing wordt ten minste de helft van het vakantieverlof aaneengesloten verleend.
2. De duur van het vakantieverlof per kalenderjaar wordt afhankelijk van het salaris in de desbetreffende betrekking bij de aanvang van het kalenderjaar, dan wel, in geval van indiensttreding in de loop van het kalenderjaar, op het tijdstip van indiensttreding vastgesteld volgens onderstaande tabel, waarbij onder schaal wordt verstaan de desbetreffende schaal bedoeld in hoofdstuk I-P.
[tabel]
3. De ingevolge het tweede lid vastgestelde duur van het vakantieverlof wordt afhankelijk van de leeftijd die de betrokkene in het desbetreffende kalenderjaar bereikt, verlengd overeenkomstig de hierna volgende tabel:
[tabel]
4. Het derde lid is niet van toepassing op de betrokkene die gebruik maakt van hoofdstuk I-V.
5. Met ingang van de dag waarop de betrokkene gebruik maakt van hoofdstuk I-V, wordt zijn aanspraak op vakantieverlof-uren verminderd in verhouding tot de vermindering van zijn werktijd.
6. Op verzoek van de betrokkene en voor zover de werkzaamheden aan de instelling dit toelaten, wordt hem het vakantieverlof ononderbroken verleend. Bij splitsing wordt ten minste de helft van het vakantieverlof aaneengesloten verleend.
- Citeren als
- Art. I-C11
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0003771
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl