BWBR0004044
Geldig vanaf 01-01-2026
Artikel 15
Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers
1. Het college stelt het recht op uitkering op schriftelijke aanvraag vast.
2. De uitkering wordt door de werkloze werknemer en de echtgenoot gezamenlijk aangevraagd, dan wel door een van hen met schriftelijke toestemming van de ander.
3. Indien een belanghebbende zich onverwijld na afwijzing van een aanvraag voor een uitkering op grond van de artikelen 43 of 78f van de Participatiewet of de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen meldt voor een aanvraag voor een uitkering, geldt de datum van melding voor de aanvraag voor die uitkering tevens als melding bedoeld in artikel 16a.
2. De uitkering wordt door de werkloze werknemer en de echtgenoot gezamenlijk aangevraagd, dan wel door een van hen met schriftelijke toestemming van de ander.
3. Indien een belanghebbende zich onverwijld na afwijzing van een aanvraag voor een uitkering op grond van de artikelen 43 of 78f van de Participatiewet of de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen meldt voor een aanvraag voor een uitkering, geldt de datum van melding voor de aanvraag voor die uitkering tevens als melding bedoeld in artikel 16a.
- Citeren als
- Art. 15
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0004044
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl