BWBR0004841
Geldig vanaf 07-09-1990
Artikel 4
Uitvoeringsbesluit premiemaximering bij samenloop verzekeringsgronden ZFW
1. Bij samenloop van een of meer verzekeringsgronden, behorende tot categorie II, met een verzekeringsgrond, behorende tot categorie III, waarbij niet tevens sprake is van samenloop met een verzekeringsgrond, behorende tot categorie I of IV, vindt terugbetaling van de premie plaats door het orgaan dat is belast met de inning en afdracht van de premie ter zake van de verzekeringsgrond behorende tot categorie III.
2. Bij samenloop, bedoeld in het eerste lid, met meer verzekeringsgronden, behorende tot categorie III, alsmede bij samenloop van uitsluitend verzekeringsgronden, behorende tot categorie III, vindt terugbetaling van de premie plaats door het orgaan dat is belast met de inning en afdracht van de premie ter zake van de verzekeringsgrond met de hoogste premiegrondslag.
3. Behoudens het bepaalde in het vierde lid geschiedt de terugbetaling van de premie, bedoeld in het eerste onderscheidenlijk het tweede lid, in dier voege dat het orgaan, bedoeld in het eerste onderscheidenlijk het tweede lid, die premie ten gunste van zijn uitkerings- of pensioenfonds of van de middelen van de voorziening, die het uitvoert, verrekent met de afdracht van premie, met dien verstande dat hij het ten laste van de verzekerde gekomen deel van die premie aan hem terugbetaalt.
4. Indien bij samenloop met een uitkering ingevolge de Wet werkloosheidsvoorziening of een uitkering ter zake van vervroegde uittreding uit het arbeidsproces de premie met toepassing van het eerste of tweede lid dient te worden terugbetaald door het orgaan dat met betrekking tot die uitkering belast is met de inning en afdracht van de premie, geschiedt de terugbetaling van de premie aan de gemeente onderscheidenlijk aan het orgaan dat de uitkering ter zake van vervroegde uittreding uit het arbeidsproces doet. De terugbetaling van de premie aan de gemeente onderscheidenlijk aan het orgaan dat de uitkering ter zake van vervroegde uittreding uit het arbeidsproces doet, geschiedt ten gunste van de middelen van de Wet werkloosheidsvoorziening onderscheidenlijk van de middelen van de desbetreffende regeling ter zake van vervroegde uittreding uit het arbeidsproces, met dien verstande dat de gemeente onderscheidenlijk dat orgaan het ten laste van de verzekerde gekomen deel van die premie aan hem terugbetaalt.
5. Artikel 3, vierde lid, is van overeenkomstige toepassing.
2. Bij samenloop, bedoeld in het eerste lid, met meer verzekeringsgronden, behorende tot categorie III, alsmede bij samenloop van uitsluitend verzekeringsgronden, behorende tot categorie III, vindt terugbetaling van de premie plaats door het orgaan dat is belast met de inning en afdracht van de premie ter zake van de verzekeringsgrond met de hoogste premiegrondslag.
3. Behoudens het bepaalde in het vierde lid geschiedt de terugbetaling van de premie, bedoeld in het eerste onderscheidenlijk het tweede lid, in dier voege dat het orgaan, bedoeld in het eerste onderscheidenlijk het tweede lid, die premie ten gunste van zijn uitkerings- of pensioenfonds of van de middelen van de voorziening, die het uitvoert, verrekent met de afdracht van premie, met dien verstande dat hij het ten laste van de verzekerde gekomen deel van die premie aan hem terugbetaalt.
4. Indien bij samenloop met een uitkering ingevolge de Wet werkloosheidsvoorziening of een uitkering ter zake van vervroegde uittreding uit het arbeidsproces de premie met toepassing van het eerste of tweede lid dient te worden terugbetaald door het orgaan dat met betrekking tot die uitkering belast is met de inning en afdracht van de premie, geschiedt de terugbetaling van de premie aan de gemeente onderscheidenlijk aan het orgaan dat de uitkering ter zake van vervroegde uittreding uit het arbeidsproces doet. De terugbetaling van de premie aan de gemeente onderscheidenlijk aan het orgaan dat de uitkering ter zake van vervroegde uittreding uit het arbeidsproces doet, geschiedt ten gunste van de middelen van de Wet werkloosheidsvoorziening onderscheidenlijk van de middelen van de desbetreffende regeling ter zake van vervroegde uittreding uit het arbeidsproces, met dien verstande dat de gemeente onderscheidenlijk dat orgaan het ten laste van de verzekerde gekomen deel van die premie aan hem terugbetaalt.
5. Artikel 3, vierde lid, is van overeenkomstige toepassing.
- Citeren als
- Art. 4
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0004841
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl