BWBR0004965
Geldig vanaf 01-12-2003
Artikel 2
Verordening op de beroepsaansprakelijkheid 1991
1. De advocaat is verplicht terzake van het risico van zijn beroepsaansprakelijkheid een verzekering te sluiten en in stand te houden.
2. De verplichting uit het vorige lid geldt tevens voor de advocaat die de praktijk uitoefent in dienst van een werkgever als bedoeld in artikel 3 tweede lid van de Verordening op de praktijkuitoefening in dienstbetrekking. Uitsluitend indien de werkgever schriftelijk te kennen heeft gegeven de werknemer-advocaat, voor zover het betreft het risico van aansprakelijkheid jegens zijn werkgever voor schade die hij in zijn beroepsuitoefening als advocaat aan zijn werkgever, als cliënt, heeft toegebracht, niet aansprakelijk te zullen houden, behoeft de advocaat dat risico niet te verzekeren. Wel blijft voor de advocaat in dienstbetrekking in dat geval de verplichting bestaan een beroepsaansprakelijkheidsverzekering af te sluiten voor schade, toegebracht aan derden;.
3. De advocaat die de praktijk uitoefent in dienst van de Staat is niet verplicht een verzekering af te sluiten voor het risico van zijn beroepsaansprakelijkheid als bedoeld in het eerste lid, indien de Staat door middel van een schriftelijke verklaring te kennen heeft gegeven de advocaat niet aansprakelijk te zullen houden voor schade in zijn beroepsuitoefening als advocaat aan de Staat als werkgever toegebracht en de advocaat te vrijwaren wanneer deze aansprakelijk wordt gesteld voor schade die hij in zijn beroepsuitoefening als advocaat in dienst van de Staat heeft toegebracht. De verklaring dient onverkort de bepalingen te bevatten van het als bijlage aan deze verordening gehechte model.
2. De verplichting uit het vorige lid geldt tevens voor de advocaat die de praktijk uitoefent in dienst van een werkgever als bedoeld in artikel 3 tweede lid van de Verordening op de praktijkuitoefening in dienstbetrekking. Uitsluitend indien de werkgever schriftelijk te kennen heeft gegeven de werknemer-advocaat, voor zover het betreft het risico van aansprakelijkheid jegens zijn werkgever voor schade die hij in zijn beroepsuitoefening als advocaat aan zijn werkgever, als cliënt, heeft toegebracht, niet aansprakelijk te zullen houden, behoeft de advocaat dat risico niet te verzekeren. Wel blijft voor de advocaat in dienstbetrekking in dat geval de verplichting bestaan een beroepsaansprakelijkheidsverzekering af te sluiten voor schade, toegebracht aan derden;.
3. De advocaat die de praktijk uitoefent in dienst van de Staat is niet verplicht een verzekering af te sluiten voor het risico van zijn beroepsaansprakelijkheid als bedoeld in het eerste lid, indien de Staat door middel van een schriftelijke verklaring te kennen heeft gegeven de advocaat niet aansprakelijk te zullen houden voor schade in zijn beroepsuitoefening als advocaat aan de Staat als werkgever toegebracht en de advocaat te vrijwaren wanneer deze aansprakelijk wordt gesteld voor schade die hij in zijn beroepsuitoefening als advocaat in dienst van de Staat heeft toegebracht. De verklaring dient onverkort de bepalingen te bevatten van het als bijlage aan deze verordening gehechte model.
- Citeren als
- Art. 2
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0004965
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl