BWBR0005034 Geldig vanaf 1991-04-01
Artikel 8:1366 BW
Burgerlijk Wetboek Boek 8 — artikel 1366
1. De luchtvrachtbrief wordt door de afzender opgemaakt in drie oorspronkelijke exemplaren.
2. Het eerste exemplaar bevat de vermelding «voor de vervoerder»; het wordt getekend door de afzender. Het tweede exemplaar bevat de vermelding «voor de afzender»; het wordt getekend door de afzender en de vervoerder. Het derde exemplaar wordt getekend door de vervoerder en door hem, na ontvangst van de zaken, aan de afzender overhandigd.
3. De handtekening van de vervoerder en die van de afzender kunnen worden gedrukt of vervangen door een stempel dan wel langs electronische weg worden gezet.
4. Indien, op verzoek van de afzender, de vervoerder de luchtvrachtbrief opmaakt, wordt hij vermoed te handelen namens de afzender.
5. De artikelen 56, tweede lid, 75, eerste lid, en 186, eerste lid, van Boek 2zijn niet van toepassing.
2. Het eerste exemplaar bevat de vermelding «voor de vervoerder»; het wordt getekend door de afzender. Het tweede exemplaar bevat de vermelding «voor de afzender»; het wordt getekend door de afzender en de vervoerder. Het derde exemplaar wordt getekend door de vervoerder en door hem, na ontvangst van de zaken, aan de afzender overhandigd.
3. De handtekening van de vervoerder en die van de afzender kunnen worden gedrukt of vervangen door een stempel dan wel langs electronische weg worden gezet.
4. Indien, op verzoek van de afzender, de vervoerder de luchtvrachtbrief opmaakt, wordt hij vermoed te handelen namens de afzender.
5. De artikelen 56, tweede lid, 75, eerste lid, en 186, eerste lid, van Boek 2zijn niet van toepassing.
- Citeren als
- Art. 8:1366 BW
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0005034
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl