BWBR0005346
Geldig vanaf 01-01-1992
Artikel XXVI
Invoeringswet Wet op de accijns
1. Op grond van hoofdstuk I, afdeling 2, onderafdeling 2, en hoofdstuk IV van de Wet op de accijns van alcoholhoudende stoffen verleende bewijzen van goedkeuring tot het voorhanden hebben van een distilleertoestel in een distilleerderij van de tweede klasse onderscheidenlijk verleende vergunningen tot het voorhanden hebben en vervaardigen van een distilleertoestel, worden tot wederopzegging aangemerkt als op grond van artikel 90 van de Wet op de accijns verleende vergunningen.
2. De inspecteur onderzoekt vóór 1 januari 1993 of degenen van wie de in het eerste lid bedoelde vergunning of goedkeuring ingevolge dat lid wordt aangemerkt als een op grond van artikel 90 van de Wet op de accijns verleende vergunning, voldoen aan de krachtens artikel 90 van de Wet op de accijns voor de afgifte van de laatstbedoelde vergunning gestelde voorwaarden.
2. De inspecteur onderzoekt vóór 1 januari 1993 of degenen van wie de in het eerste lid bedoelde vergunning of goedkeuring ingevolge dat lid wordt aangemerkt als een op grond van artikel 90 van de Wet op de accijns verleende vergunning, voldoen aan de krachtens artikel 90 van de Wet op de accijns voor de afgifte van de laatstbedoelde vergunning gestelde voorwaarden.
- Citeren als
- Art. XXVI
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0005346
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl