Voor overheidspersoneel wiens rechtspositie niet wordt beheerst door het
Algemeen Rijksambtenarenreglement, het
Ambtenarenreglement Staten-Generaal, het Arbeidsovereenkomstenbesluit of het
Reglement Dienst Buitenlandse Zaken (
Stb. 1986, 611) blijven de voorschriften, bedoeld in de artikelen IV, VI en VIII van kracht zoals deze luidden direct voorafgaande aan de inwerkingtreding van dit besluit.