BWBR0005907
Geldig vanaf 1993-03-21
Artikel 7
Regeling in en doorvoer van pluimveeproducten 1993
1. Indien bij de controle, bedoeld in artikel 5, eerste lid, onderdelen b en e, of bij de controle tijdens het vervoer van een partij pluimveeproducten in het kader van de invoer of de doorvoer van deze partij wordt vermoed of geconstateerd dat er verwekkers van ziekten, zoönosen of andere aandoeningen, bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdeel a, van richtlijn 89/662/EEG, aanwezig zijn of de producten afkomstig zijn uit een met een epidemische dierziekte besmet gebied, kan de officiële dierenarts, indien hij de aanwezigheid van verwekkers van ziekten, zoönosen of andere aandoeningen vermoedt, besluiten dat de partij overeenkomstig zijn aanwijzingen in tijdelijke afzondering wordt geplaatst, dan wel worden de maatregelen, bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdeel a, eerste alinea, van voornoemde richtlijn uitgevoerd, al naar gelang de Minister daaromtrent heeft besloten.
2. Indien bij de controle, bedoeld in artikel 5, eerste lid, onderdelen b en e, of bij de controle tijdens het vervoer van een partij pluimveeproducten in het kader van de invoer of de doorvoer van deze partij wordt vermoed of geconstateerd dat niet wordt voldaan aan de voorschriften van de onderhavige regeling dan wel aan de van toepassing zijnde communautaire voorschriften, kan de Minister, indien hij vermoedt dat niet wordt voldaan aan de vorenbedoelde voorschriften, besluiten dat de partij overeenkomstig zijn aanwijzingen in tijdelijke afzondering wordt geplaatst, dan wel worden de maatregelen, bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdeel b, van richtlijn 89/662/EEGuitgevoerd, al naar gelang de Minister daaromtrent overeenkomstig de keuze van de afzender of diens gemachtigde heeft besloten.
3. Een besluit als bedoeld in het eerste en tweede lid, wordt ter kennis gebracht van de afzender of diens gemachtigde met vermelding van de redenen. Desgevraagd geschiedt die kennisgeving schriftelijk, met vermelding van datum en uur waarop het besluit is genomen.
4. Een besluit als bedoeld in het eerste en tweede lid laat onverlet het recht van de afzender van de pluimveeproducten om, overeenkomstig het bepaalde in artikel 8, tweede lid, vierde alinea, van richtlijn 89/662/EEG, binnen een maand na de kennisgeving, bedoeld in het derde lid, het advies van een veterinair deskundige in te winnen, met dien verstande evenwel, dat de Minister te allen tijde kan beslissen om de maatregelen, bedoeld in het eerste lid, onmiddellijk uit te voeren, indien zulks noodzakelijk is om redenen van gezondheidsbescherming.
5. De kosten, die uit de in het eerste of het tweede lid bedoelde maatregelen voortvloeien komen voor rekening van de afzender van de partij pluimveeproducten of diens gemachtigde, onderscheidenlijk van de ontvanger van de partij pluimveeproducten of diens gemachtigde.
2. Indien bij de controle, bedoeld in artikel 5, eerste lid, onderdelen b en e, of bij de controle tijdens het vervoer van een partij pluimveeproducten in het kader van de invoer of de doorvoer van deze partij wordt vermoed of geconstateerd dat niet wordt voldaan aan de voorschriften van de onderhavige regeling dan wel aan de van toepassing zijnde communautaire voorschriften, kan de Minister, indien hij vermoedt dat niet wordt voldaan aan de vorenbedoelde voorschriften, besluiten dat de partij overeenkomstig zijn aanwijzingen in tijdelijke afzondering wordt geplaatst, dan wel worden de maatregelen, bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdeel b, van richtlijn 89/662/EEGuitgevoerd, al naar gelang de Minister daaromtrent overeenkomstig de keuze van de afzender of diens gemachtigde heeft besloten.
3. Een besluit als bedoeld in het eerste en tweede lid, wordt ter kennis gebracht van de afzender of diens gemachtigde met vermelding van de redenen. Desgevraagd geschiedt die kennisgeving schriftelijk, met vermelding van datum en uur waarop het besluit is genomen.
4. Een besluit als bedoeld in het eerste en tweede lid laat onverlet het recht van de afzender van de pluimveeproducten om, overeenkomstig het bepaalde in artikel 8, tweede lid, vierde alinea, van richtlijn 89/662/EEG, binnen een maand na de kennisgeving, bedoeld in het derde lid, het advies van een veterinair deskundige in te winnen, met dien verstande evenwel, dat de Minister te allen tijde kan beslissen om de maatregelen, bedoeld in het eerste lid, onmiddellijk uit te voeren, indien zulks noodzakelijk is om redenen van gezondheidsbescherming.
5. De kosten, die uit de in het eerste of het tweede lid bedoelde maatregelen voortvloeien komen voor rekening van de afzender van de partij pluimveeproducten of diens gemachtigde, onderscheidenlijk van de ontvanger van de partij pluimveeproducten of diens gemachtigde.