BWBR0006040
Geldig vanaf 02-08-2006
Artikel 117
Burgerlijk ambtenarenreglement defensie
1. Aan de ambtenaar die in verband met de aanvaarding van een functie in een publiekrechtelijk college, waarin hij is benoemd of verkozen tijdelijk is ontheven van de waarneming van zijn ambt, wordt, indien hij ophoudt zodanige functie te bekleden en hij naar het oordeel van de bevoegde autoriteit, bedoeld in artikel 112, eerste of tweede lid niet in actieve dienst kan worden hersteld, eervol ontslag verleend.
2. Tenzij artikel 53, eerste lid van toepassing is, wordt eervol ontslag eveneens verleend aan de ambtenaar die na afloop van het verlof, verleend met toepassing van artikel 50 danwel van artikel 52, eerste lid, naar het oordeel van de bevoegde autoriteit, bedoeld in artikel 112, eerste of tweede lid niet in actieve dienst kan worden hersteld.
3. Het eerste lid vindt eveneens toepassing voor de ambtenaar die ophoudt de functie van substituut-ombudsman te bekleden.
2. Tenzij artikel 53, eerste lid van toepassing is, wordt eervol ontslag eveneens verleend aan de ambtenaar die na afloop van het verlof, verleend met toepassing van artikel 50 danwel van artikel 52, eerste lid, naar het oordeel van de bevoegde autoriteit, bedoeld in artikel 112, eerste of tweede lid niet in actieve dienst kan worden hersteld.
3. Het eerste lid vindt eveneens toepassing voor de ambtenaar die ophoudt de functie van substituut-ombudsman te bekleden.
- Citeren als
- Art. 117
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0006040
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl