BWBR0006622
Geldig vanaf 2023-05-10
Artikel a4c
Wegenverkeerswet 1994
1. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden in verband met de verkeersveiligheid van weginfrastructuur nadere regels gesteld.
2. Deze regels hebben in elk geval betrekking op:
a. de aan te wijzen in gebruik zijnde wegen en wegen in de ontwerp- of aanlegfase, waarbij geldt dat dat ten minste de wegen betreft waarop Richtlijn 2008/96/EG betreffende het beheer van de verkeersveiligheid van weginfrastructuur van het Europees Parlement en de Raad van 19 november 2008 betreffende het beheer van de verkeersveiligheid van weginfrastructuur (PbEU 2008, L 319) van toepassing is;
b. de door een beheerder van een in onderdeel a bedoelde weg uit te voeren procedures om de verkeersveiligheid te borgen;
c. de kennis en ervaring die wordt verlangd van degenen die betrokken zijn bij procedures als bedoeld in onderdeel b;
d. het door een beheerder van een weg op te stellen verslag na elk dodelijk ongeval op een in onderdeel a bedoelde in gebruik zijnde weg.
2. Deze regels hebben in elk geval betrekking op:
a. de aan te wijzen in gebruik zijnde wegen en wegen in de ontwerp- of aanlegfase, waarbij geldt dat dat ten minste de wegen betreft waarop Richtlijn 2008/96/EG betreffende het beheer van de verkeersveiligheid van weginfrastructuur van het Europees Parlement en de Raad van 19 november 2008 betreffende het beheer van de verkeersveiligheid van weginfrastructuur (PbEU 2008, L 319) van toepassing is;
b. de door een beheerder van een in onderdeel a bedoelde weg uit te voeren procedures om de verkeersveiligheid te borgen;
c. de kennis en ervaring die wordt verlangd van degenen die betrokken zijn bij procedures als bedoeld in onderdeel b;
d. het door een beheerder van een weg op te stellen verslag na elk dodelijk ongeval op een in onderdeel a bedoelde in gebruik zijnde weg.