BWBR0007603
Geldig vanaf 2011-03-07
Artikel 2
Warenwetbesluit cosmetische producten
1. Het is verboden cosmetische producten te verhandelen die niet voldoen aan de in of krachtens dit besluit gestelde eisen.
2. Het is verboden cosmetische producten te verhandelen anders dan met inachtneming van de voorschriften in of krachtens dit besluit gesteld met betrekking tot het bezigen van vermeldingen.
3. Het is de in artikel 6, eerste lid, genoemde personen verboden cosmetische producten af te leveren anders dan met inachtneming van de voorschriften in of krachtens dit besluit gesteld ten aanzien van de artikel 6, eerste lid, onder a tot en met h, genoemde gegevens.
4. Het is verboden cosmetische producten te verhandelen anders dan met inachtneming van de voorschriften krachtens dit besluit gesteld ten aanzien van de in artikel 3, tweede lid, onder g, i en j, genoemde onderwerpen.
5. Het is verboden cosmetische producten te verhandelen indien met betrekking tot de ingrediënten, combinaties van ingrediënten of de eindsamenstelling van deze producten dierproeven zijn verricht, voorzover die dierproeven zijn verricht in het belang van de eisen gesteld bij of krachtens dit besluit.
6. In afwijking van het vijfde lid is het toegestaan cosmetische producten te verhandelen ten behoeve waarvan ingrediënten, combinaties van ingrediënten of de eindsamenstelling van deze producten in verband met toxiciteit bij herhaalde toediening, toxiciteit met betrekking tot de voortplanting en toxicokinetiek, zijn beproefd voor zover geen andere methode wordt gebruikt dan een door Onze Minister voor die beproeving aangewezen alternatieve methode, vanaf het tijdstip dat deze alternatieve methode is aangewezen.
7. Onze Minister stelt nadere regels over welke methode als alternatieve methode wordt aangemerkt.
2. Het is verboden cosmetische producten te verhandelen anders dan met inachtneming van de voorschriften in of krachtens dit besluit gesteld met betrekking tot het bezigen van vermeldingen.
3. Het is de in artikel 6, eerste lid, genoemde personen verboden cosmetische producten af te leveren anders dan met inachtneming van de voorschriften in of krachtens dit besluit gesteld ten aanzien van de artikel 6, eerste lid, onder a tot en met h, genoemde gegevens.
4. Het is verboden cosmetische producten te verhandelen anders dan met inachtneming van de voorschriften krachtens dit besluit gesteld ten aanzien van de in artikel 3, tweede lid, onder g, i en j, genoemde onderwerpen.
5. Het is verboden cosmetische producten te verhandelen indien met betrekking tot de ingrediënten, combinaties van ingrediënten of de eindsamenstelling van deze producten dierproeven zijn verricht, voorzover die dierproeven zijn verricht in het belang van de eisen gesteld bij of krachtens dit besluit.
6. In afwijking van het vijfde lid is het toegestaan cosmetische producten te verhandelen ten behoeve waarvan ingrediënten, combinaties van ingrediënten of de eindsamenstelling van deze producten in verband met toxiciteit bij herhaalde toediening, toxiciteit met betrekking tot de voortplanting en toxicokinetiek, zijn beproefd voor zover geen andere methode wordt gebruikt dan een door Onze Minister voor die beproeving aangewezen alternatieve methode, vanaf het tijdstip dat deze alternatieve methode is aangewezen.
7. Onze Minister stelt nadere regels over welke methode als alternatieve methode wordt aangemerkt.