BWBR0007656
Geldig vanaf 01-01-2002
Artikel 26a
Regeling hulpmiddelen 1996
1. De in artikel 2, eerste lid, onder u, bedoelde middelen zijn uitneembare volledige prothetische voorzieningen voor de boven- of de onderkaak.
2. Op het in het eerste lid bedoelde middel bestaat geen aanspraak indien de verzekerde voor de verstrekking daarvan aanspraak heeft op grond van artikel 4 of 8 van de Regeling tandheelkundige hulp ziekenfondsverzekering dan wel aanspraak heeft op vergoeding van de kosten daarvan op grond van artikel 3, 5 of 7 van het Uitvoeringsbesluit vergoedingen particulier verzekerden.
3. De verzekerde is voor het middel, bedoeld in het eerste lid, een bijdrage in de kosten verschuldigd ter grootte van het verschil tussen de aanschaffingskosten en het bedrag dat 75% van de aanschaffingskosten bedraagt.
2. Op het in het eerste lid bedoelde middel bestaat geen aanspraak indien de verzekerde voor de verstrekking daarvan aanspraak heeft op grond van artikel 4 of 8 van de Regeling tandheelkundige hulp ziekenfondsverzekering dan wel aanspraak heeft op vergoeding van de kosten daarvan op grond van artikel 3, 5 of 7 van het Uitvoeringsbesluit vergoedingen particulier verzekerden.
3. De verzekerde is voor het middel, bedoeld in het eerste lid, een bijdrage in de kosten verschuldigd ter grootte van het verschil tussen de aanschaffingskosten en het bedrag dat 75% van de aanschaffingskosten bedraagt.
- Citeren als
- Art. 26a
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0007656
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl