BWBR0007816
Geldig vanaf 2025-01-17
Artikel 17b
Inkomstenbesluit militairen
1. Indien aan de vrouwelijke militair zwangerschaps- en bevallingsverlof is verleend, behoudt zij haar aanspraak op inkomsten.
2. De commandant draagt ervoor zorg dat de vrouwelijke militair door tussenkomst van de commandant een uitkering op basis van hoofdstuk 3 van de Wet arbeid en zorgaanvraagt bij het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen genoemd in hoofdstuk 5 van de Wet-SUWI. Deze uitkering moet uiterlijk twee weken voor de datum van ingang van het zwangerschaps- en bevallingsverlof onderscheidenlijk de datum waarop de vrouwelijke militair het recht op de uitkering wil laten ingaan, worden aangevraagd.
3. Indien de vrouwelijke militair aan wie zwangerschaps- en bevallingsverlof is verleend gedurende dat verlof of gedurende een bepaalde periode van dat verlof tevens recht heeft op een uitkering op basis van de Wet arbeid en zorg, wordt door het hoofd defensieonderdeel gedurende de periode waarin sprake is van samenloop een inhouding op de doorbetaling als bedoeld in het eerste lid toegepast die overeenkomt met het bedrag van bedoelde uitkering.
4. Indien aan de voorwaarden voor het toekennen van een uitkering als bedoeld in het tweede lid is voldaan maar geen uitkering is toegekend omdat de vrouwelijke militair geen aanvraag heeft ingediend, wordt het derde lid op overeenkomstige wijze toegepast.
2. De commandant draagt ervoor zorg dat de vrouwelijke militair door tussenkomst van de commandant een uitkering op basis van hoofdstuk 3 van de Wet arbeid en zorgaanvraagt bij het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen genoemd in hoofdstuk 5 van de Wet-SUWI. Deze uitkering moet uiterlijk twee weken voor de datum van ingang van het zwangerschaps- en bevallingsverlof onderscheidenlijk de datum waarop de vrouwelijke militair het recht op de uitkering wil laten ingaan, worden aangevraagd.
3. Indien de vrouwelijke militair aan wie zwangerschaps- en bevallingsverlof is verleend gedurende dat verlof of gedurende een bepaalde periode van dat verlof tevens recht heeft op een uitkering op basis van de Wet arbeid en zorg, wordt door het hoofd defensieonderdeel gedurende de periode waarin sprake is van samenloop een inhouding op de doorbetaling als bedoeld in het eerste lid toegepast die overeenkomt met het bedrag van bedoelde uitkering.
4. Indien aan de voorwaarden voor het toekennen van een uitkering als bedoeld in het tweede lid is voldaan maar geen uitkering is toegekend omdat de vrouwelijke militair geen aanvraag heeft ingediend, wordt het derde lid op overeenkomstige wijze toegepast.