BWBR0008511
Geldig vanaf 1997-03-01
Artikel 16
Lozingenbesluit Wvo bodemsanering en proefbronnering
Een melding van het lozen ten behoeve van een bodemsanering als bedoeld in artikel 15, eerste lid, wordt schriftelijk gedaan en omvat in ieder geval:
a. naam en adres van degene die meldt;
b. naam en adres van degene die de feitelijke leiding heeft bij de sanering;
c. de locatie van de bodemsanering met een plattegrond;
d. het lozingsdebiet van de grondwaterstromen dat ten hoogste bij de vermelde activiteiten vrijkomt;
e. een overzicht van de saneringsactiviteiten die worden uitgevoerd met inbegrip van het tijdstip van aanvang van het lozen en de tijdsplanning van de bodemsanering en het lozen;
f. een overzicht van de voorzieningen waarmee de verschillende grondwaterstromen worden behandeld en de dimensionering hiervan;
g. de wijze waarop de afvalstoffen worden opgeslagen;
h. een overzicht van de aangetroffen verontreinigingen in grond en grondwater, het gehalte daarvan en vermelding van de oorzaak van die verontreinigingen, een en ander ontleend aan het op de betreffende locatie uitgevoerd oriënterend of nader onderzoek dan wel saneringsonderzoek als bedoeld in artikel 3, tweede lid, dat niet langer dan drie jaren te voren is voltooid;
i. het gehalte aan arseen, stikstof, fosfaat, chemisch zuurstofverbruik (CZV), chloride, sulfaat of een andere in het verontreinigde grondwater aangetroffen stof dan bedoeld in onderdeel h;
j. voor een stof als bedoeld onder h en i, die niet is genoemd in bijlage I, het gehalte dat gedurende het lozen niet zal worden overschreden.
a. naam en adres van degene die meldt;
b. naam en adres van degene die de feitelijke leiding heeft bij de sanering;
c. de locatie van de bodemsanering met een plattegrond;
d. het lozingsdebiet van de grondwaterstromen dat ten hoogste bij de vermelde activiteiten vrijkomt;
e. een overzicht van de saneringsactiviteiten die worden uitgevoerd met inbegrip van het tijdstip van aanvang van het lozen en de tijdsplanning van de bodemsanering en het lozen;
f. een overzicht van de voorzieningen waarmee de verschillende grondwaterstromen worden behandeld en de dimensionering hiervan;
g. de wijze waarop de afvalstoffen worden opgeslagen;
h. een overzicht van de aangetroffen verontreinigingen in grond en grondwater, het gehalte daarvan en vermelding van de oorzaak van die verontreinigingen, een en ander ontleend aan het op de betreffende locatie uitgevoerd oriënterend of nader onderzoek dan wel saneringsonderzoek als bedoeld in artikel 3, tweede lid, dat niet langer dan drie jaren te voren is voltooid;
i. het gehalte aan arseen, stikstof, fosfaat, chemisch zuurstofverbruik (CZV), chloride, sulfaat of een andere in het verontreinigde grondwater aangetroffen stof dan bedoeld in onderdeel h;
j. voor een stof als bedoeld onder h en i, die niet is genoemd in bijlage I, het gehalte dat gedurende het lozen niet zal worden overschreden.