BWBR0008980
Geldig vanaf 1998-01-01
Artikel 9
Besluit voorraden Meststoffenwet
Bij ministeriële regeling worden regels gesteld omtrent de voorwaarden waaraan moet worden voldaan om voor toepassing van artikel 2in aanmerking te komen.
Deze regels kunnen onder meer betreffen:
a. de verplichting tot tijdige aanmelding van het mestproducerend bedrijf door de heffingplichtige, en de functionaris bij wie de aanmelding geschiedt;
b. de aanmelding, bedoeld in de artikelen 5 en 7, onderscheidenlijk de afmelding, bedoeld in de artikelen 6, tweede en derde lid, en 8, tweede lid, en de functionaris bij wie de aanmelding, onderscheidenlijk afmelding geschiedt;
c. de opslag en daarop aan te brengen kentekenen;
d. de wijze waarop de beginvoorraad, de eindvoorraad, de voorraad, bedoeld in artikel 6, vijfde lid, de voorraad, bedoeld in artikel 8, derde lid, en de voorraad, bedoeld in artikel 8, vierde lid, worden vastgesteld;
e. de verplichting om de hoeveelheid fosfaat, onderscheidenlijk stikstof in hoeveelheden dierlijke of overige organische meststoffen die aan de opgeslagen dierlijke of overige organische meststoffen worden toegevoegd, respectievelijk waarmee de opgeslagen dierlijke of overige organische meststoffen worden verminderd, vast te stellen en de wijze waarop die vaststelling geschiedt;
f. de verplichting om de vaststellingen, bedoeld in onderdelen d en e, te doen uitvoeren door een daartoe bevoegde persoon of instelling, welke bevoegdheid kan worden verbonden aan een overeenkomstig bij de ministeriële regeling gestelde erkenningsvoorwaarden verleende erkenning;
g. de administratieve vastlegging en verantwoording van voor de toepassing van de artikelen 2 tot en met 8 van belang zijnde gegevens;
h. de verplichting om een verklaring van een registeraccountant of accountant-administratieconsulent terzake van de administratieve vastlegging en verantwoording bedoeld in onderdeel g, over te leggen.
Deze regels kunnen onder meer betreffen:
a. de verplichting tot tijdige aanmelding van het mestproducerend bedrijf door de heffingplichtige, en de functionaris bij wie de aanmelding geschiedt;
b. de aanmelding, bedoeld in de artikelen 5 en 7, onderscheidenlijk de afmelding, bedoeld in de artikelen 6, tweede en derde lid, en 8, tweede lid, en de functionaris bij wie de aanmelding, onderscheidenlijk afmelding geschiedt;
c. de opslag en daarop aan te brengen kentekenen;
d. de wijze waarop de beginvoorraad, de eindvoorraad, de voorraad, bedoeld in artikel 6, vijfde lid, de voorraad, bedoeld in artikel 8, derde lid, en de voorraad, bedoeld in artikel 8, vierde lid, worden vastgesteld;
e. de verplichting om de hoeveelheid fosfaat, onderscheidenlijk stikstof in hoeveelheden dierlijke of overige organische meststoffen die aan de opgeslagen dierlijke of overige organische meststoffen worden toegevoegd, respectievelijk waarmee de opgeslagen dierlijke of overige organische meststoffen worden verminderd, vast te stellen en de wijze waarop die vaststelling geschiedt;
f. de verplichting om de vaststellingen, bedoeld in onderdelen d en e, te doen uitvoeren door een daartoe bevoegde persoon of instelling, welke bevoegdheid kan worden verbonden aan een overeenkomstig bij de ministeriële regeling gestelde erkenningsvoorwaarden verleende erkenning;
g. de administratieve vastlegging en verantwoording van voor de toepassing van de artikelen 2 tot en met 8 van belang zijnde gegevens;
h. de verplichting om een verklaring van een registeraccountant of accountant-administratieconsulent terzake van de administratieve vastlegging en verantwoording bedoeld in onderdeel g, over te leggen.