BWBR0009083
Geldig vanaf 1998-01-01
Artikel 23
Wet inschakeling werkzoekenden
1. De dienstbetrekking met de jongere, die op de dag voorafgaande aan de datum van inwerkingtreding van deze wet, bestaat krachtens hoofdstuk V van de Jeugdwerkgarantiewet, zoals die luidde tot die datum, en die na die datum voortbestaat, wordt met ingang van de datum van inwerkingtreding van deze wet aangemerkt als de dienstbetrekking, bedoeld in artikel 9 van deze wet, met een wekelijkse arbeidsduur, gelijk aan die welke krachtens die Jeugdwerkgarantiewet was overeengekomen, met dien verstande dat:
a. in afwijking van artikel 11, de dienstbetrekking van de jongere die op de datum van inwerkingtreding van deze wet 21 jaar of ouder is, wordt opgezegd tegen de dag gelegen twee jaar na de datum van inwerkingtreding van deze wet, tenzij hij eerder de leeftijd van 27 jaar bereikt, in welk geval de dienstbetrekking wordt opgezegd tegen de dag waarop hij die leeftijd bereikt;
b. deze dienstbetrekking niet in aanmerking wordt genomen bij de toepassing van artikel 6, eerste lid, onderdeel a.
2. Indien de jongere in het kader van de dienstbetrekking op grond van de Jeugdwerkgarantiewet, zoals die luidde tot de datum van inwerkingtreding van deze wet, scholing volgt, worden, in afwijking van artikel 4, vierde lid, alle scholingsuren voor de duur van de scholing beschouwd als arbeidsuren.
3. De voorbereidingsovereenkomsten met de jongere, die op de dag voorafgaande aan de datum van inwerkingtreding van deze wet bestaan krachtens hoofdstuk Vavan de Jeugdwerkgarantiewet, zoals die luidde tot die datum, eindigen met ingang van de datum van inwerkingtreding van deze wet, met dien verstande dat de jongere die op de datum van inwerkingtreding van deze wet jonger is dan 18 jaar, tot aan de dag, dat hij de leeftijd van 18 jaar bereikt, een vergoeding ontvangt als bedoeld in artikel 16d van de Jeugdwerkgarantiewet, zoals dat artikel luidde tot de datum van inwerkingtreding van deze wet.
4. Voor de jongere van 21 jaar of ouder, die op de datum van inwerkingtreding van deze wet als werkloos werkzoekende staat ingeschreven bij de Arbeidsvoorzieningsorganisatie en die geen dienstbetrekking heeft krachtens hoofdstuk V van de Jeugdwerkgarantiewet, zoals die luidde tot die datum, dan wel met wie geen voorbereidingsovereenkomst is aangegaan krachtens hoofdstuk Vavan die Jeugdwerkgarantiewet, is artikel 9niet van toepassing.
a. in afwijking van artikel 11, de dienstbetrekking van de jongere die op de datum van inwerkingtreding van deze wet 21 jaar of ouder is, wordt opgezegd tegen de dag gelegen twee jaar na de datum van inwerkingtreding van deze wet, tenzij hij eerder de leeftijd van 27 jaar bereikt, in welk geval de dienstbetrekking wordt opgezegd tegen de dag waarop hij die leeftijd bereikt;
b. deze dienstbetrekking niet in aanmerking wordt genomen bij de toepassing van artikel 6, eerste lid, onderdeel a.
2. Indien de jongere in het kader van de dienstbetrekking op grond van de Jeugdwerkgarantiewet, zoals die luidde tot de datum van inwerkingtreding van deze wet, scholing volgt, worden, in afwijking van artikel 4, vierde lid, alle scholingsuren voor de duur van de scholing beschouwd als arbeidsuren.
3. De voorbereidingsovereenkomsten met de jongere, die op de dag voorafgaande aan de datum van inwerkingtreding van deze wet bestaan krachtens hoofdstuk Vavan de Jeugdwerkgarantiewet, zoals die luidde tot die datum, eindigen met ingang van de datum van inwerkingtreding van deze wet, met dien verstande dat de jongere die op de datum van inwerkingtreding van deze wet jonger is dan 18 jaar, tot aan de dag, dat hij de leeftijd van 18 jaar bereikt, een vergoeding ontvangt als bedoeld in artikel 16d van de Jeugdwerkgarantiewet, zoals dat artikel luidde tot de datum van inwerkingtreding van deze wet.
4. Voor de jongere van 21 jaar of ouder, die op de datum van inwerkingtreding van deze wet als werkloos werkzoekende staat ingeschreven bij de Arbeidsvoorzieningsorganisatie en die geen dienstbetrekking heeft krachtens hoofdstuk V van de Jeugdwerkgarantiewet, zoals die luidde tot die datum, dan wel met wie geen voorbereidingsovereenkomst is aangegaan krachtens hoofdstuk Vavan die Jeugdwerkgarantiewet, is artikel 9niet van toepassing.