BWBR0009279
Geldig vanaf 1997-12-31
Artikel LXXI
Veegwet SZW 1997
1. Ten aanzien van de mogelijkheid om beroep in te stellen tegen een besluit als bedoeld in artikel 55 van de Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 dat voor de datum van inwerkingtreding van artikel LV, de onderdelen E, F en G, van deze wet is bekendgemaakt, is het recht zoals dat geldt vanaf die datum van toepassing.
2. Artikel 6:15, derde lid, van de Algemene wet bestuursrechtis van overeenkomstige toepassing ten aanzien van beroepschriften tegen besluiten als bedoeld in het eerste lid, die op en na de datum van inwerkingtreding van artikel LV, de onderdelen E, F en G, van deze wet zijn ingediend bij de rechtbank.
3. De behandeling van het beroep tegen een besluit als bedoeld in artikel 55 van de Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 dat voor de datum van inwerkingtreding van artikel LV, de onderdelen E, F en G, van deze wet is ingediend bij de rechtbank wordt vanaf die datum voortgezet door de Centrale Raad van Beroep, tenzij op die datum partijen zijn uitgenodigd op een zitting van de rechtbank te verschijnen of schriftelijk toestemming hebben gegeven voor het achterwege blijven van het onderzoek ter zitting.
4. De rechtbank informeert partijen over de verdere behandeling van het beroep door de Centrale Raad van Beroep.
2. Artikel 6:15, derde lid, van de Algemene wet bestuursrechtis van overeenkomstige toepassing ten aanzien van beroepschriften tegen besluiten als bedoeld in het eerste lid, die op en na de datum van inwerkingtreding van artikel LV, de onderdelen E, F en G, van deze wet zijn ingediend bij de rechtbank.
3. De behandeling van het beroep tegen een besluit als bedoeld in artikel 55 van de Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 dat voor de datum van inwerkingtreding van artikel LV, de onderdelen E, F en G, van deze wet is ingediend bij de rechtbank wordt vanaf die datum voortgezet door de Centrale Raad van Beroep, tenzij op die datum partijen zijn uitgenodigd op een zitting van de rechtbank te verschijnen of schriftelijk toestemming hebben gegeven voor het achterwege blijven van het onderzoek ter zitting.
4. De rechtbank informeert partijen over de verdere behandeling van het beroep door de Centrale Raad van Beroep.