BWBR0009750
Geldig vanaf 1998-09-01
Artikel 4
Wet op de toegang tot ziektekostenverzekeringen 1998
1. De persoon die een ziektekostenverzekeraar verzoekt een overeenkomst van standaardverzekering te sluiten, is verplicht desgevraagd aan deze verzekeraar een document als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplichtterstond ter inzage te verstrekken, voor zover dit redelijkerwijs nodig is voor de uitvoering van deze wet.
2. De ziektekostenverzekeraar stelt, voor zover dat redelijkerwijs nodig is voor de uitvoering van deze wet, de identiteit vast van de persoon, bedoeld in het eerste lid, aan de hand van een document als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplichten neemt daarvan aard en nummer op in de administratie.
3. De ziektekostenverzekeraar verlangt van de vreemdeling, bedoeld in de Vreemdelingenwet 2000, die hem verzoekt een overeenkomst van standaardverzekering te sluiten, een kopie van het document of de schriftelijke verklaring, bedoeld in artikel 9, tweede lid, van die wet, dat wordt aangemerkt als een bescheid als bedoeld in artikel 4:3, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht.
2. De ziektekostenverzekeraar stelt, voor zover dat redelijkerwijs nodig is voor de uitvoering van deze wet, de identiteit vast van de persoon, bedoeld in het eerste lid, aan de hand van een document als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplichten neemt daarvan aard en nummer op in de administratie.
3. De ziektekostenverzekeraar verlangt van de vreemdeling, bedoeld in de Vreemdelingenwet 2000, die hem verzoekt een overeenkomst van standaardverzekering te sluiten, een kopie van het document of de schriftelijke verklaring, bedoeld in artikel 9, tweede lid, van die wet, dat wordt aangemerkt als een bescheid als bedoeld in artikel 4:3, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht.