BWBR0010122
Geldig vanaf 16-01-1999
Artikel 3
Tijdelijke regeling regionale verwijzingscommissies voortgezet onderwijs
1. De regionale verwijzingscommissie geeft, met inachtneming van artikel 2, uitvoering aan het tweede en vierde lid van artikel 10g van de WVO en artikel XIV, derde lid, van de wet.
2. De regionale verwijzingscommissie adviseert dat de leerling toelaatbaar is tot het praktijkonderwijs of tot het leerwegondersteunend onderwijs uitsluitend indien dit onomstotelijk blijkt uit gegevens die de regionale verwijzingscommissie ter beschikking staan.
3. De regionale verwijzingscommissie kan slechts een advies geven over de toelaatbaarheid van een leerling tot een school of afdeling voor praktijkonderwijs onderscheidenlijk een school of afdeling voor leerwegondersteunend onderwijs die deel uitmaakt van het samenwerkingsverband waarvoor de regionale verwijzingscommissie werkzaam is.
2. De regionale verwijzingscommissie adviseert dat de leerling toelaatbaar is tot het praktijkonderwijs of tot het leerwegondersteunend onderwijs uitsluitend indien dit onomstotelijk blijkt uit gegevens die de regionale verwijzingscommissie ter beschikking staan.
3. De regionale verwijzingscommissie kan slechts een advies geven over de toelaatbaarheid van een leerling tot een school of afdeling voor praktijkonderwijs onderscheidenlijk een school of afdeling voor leerwegondersteunend onderwijs die deel uitmaakt van het samenwerkingsverband waarvoor de regionale verwijzingscommissie werkzaam is.
- Citeren als
- Art. 3
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0010122
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl