BWBR0010264
Geldig vanaf 14-02-1999
Artikel II
Wijziging Subsidieregeling innovatiegerichte onderzoekprogramma’s 1999
1. De subsidieplafonds voor het in 1999 verlenen van subsidies worden vastgesteld op:
a. f 2.200.000,00 voor aanvragen inzake het onderzoekprogramma beeldverwerking, ontvangen in de periode van 22 februari 1999 tot en met 5 maart 1999;
b. f 3.948.000,00 voor aanvragen inzake het onderzoekprogramma milieutechnologie met als onderwerp zware metalen, ontvangen in de periode van 1 april 1999 tot en met 29 april 1999;
c. f 5.000.000,00 voor aanvragen inzake het onderzoekprogramma oppervlaktetechnologie, ontvangen in de periode van 15 maart 1999 tot en met 15 april 1999;
d. f 4.500.000,00 voor aanvragen inzake het onderzoekprogramma mens machine interactie, ontvangen in periode van 1 maart 1999 tot en met 31 maart 1999.
2. Het subsidieplafond wordt verdeeld op de wijze als bepaald in artikel 10 van de Subsidieregeling innovatiegerichte onderzoekprogramma’s.
a. f 2.200.000,00 voor aanvragen inzake het onderzoekprogramma beeldverwerking, ontvangen in de periode van 22 februari 1999 tot en met 5 maart 1999;
b. f 3.948.000,00 voor aanvragen inzake het onderzoekprogramma milieutechnologie met als onderwerp zware metalen, ontvangen in de periode van 1 april 1999 tot en met 29 april 1999;
c. f 5.000.000,00 voor aanvragen inzake het onderzoekprogramma oppervlaktetechnologie, ontvangen in de periode van 15 maart 1999 tot en met 15 april 1999;
d. f 4.500.000,00 voor aanvragen inzake het onderzoekprogramma mens machine interactie, ontvangen in periode van 1 maart 1999 tot en met 31 maart 1999.
2. Het subsidieplafond wordt verdeeld op de wijze als bepaald in artikel 10 van de Subsidieregeling innovatiegerichte onderzoekprogramma’s.
- Citeren als
- Art. II
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0010264
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl