BWBR0010576
Geldig vanaf 01-01-2000
Artikel 10
Rijkswet administratieve bijstand douane
Op verzoek oefent de aangezochte douane-administratie bijzonder toezicht uit op:
a. goederen waarvan de verzoekende douane-administratie weet of vermoedt dat deze illegaal naar het grondgebied van haar land worden of zullen worden vervoerd;
b. plaatsen waar voorraden goederen zijn aangelegd waarvan de verzoekende douane-administratie weet of vermoedt dat zij worden of zullen worden gebruikt voor een inbreuk op het grondgebied van haar land;
c. vervoermiddelen en bergingsmiddelen waarvan de verzoekende douane-administratie weet of vermoedt dat zij worden of zullen worden gebruikt voor een inbreuk;
d. bewegingen, in het bijzonder het binnenkomen in en het verlaten van het grondgebied van haar land, van personen waarvan de verzoekende douane-administratie weet of vermoedt dat deze betrokken zijn of zullen zijn bij een inbreuk.
a. goederen waarvan de verzoekende douane-administratie weet of vermoedt dat deze illegaal naar het grondgebied van haar land worden of zullen worden vervoerd;
b. plaatsen waar voorraden goederen zijn aangelegd waarvan de verzoekende douane-administratie weet of vermoedt dat zij worden of zullen worden gebruikt voor een inbreuk op het grondgebied van haar land;
c. vervoermiddelen en bergingsmiddelen waarvan de verzoekende douane-administratie weet of vermoedt dat zij worden of zullen worden gebruikt voor een inbreuk;
d. bewegingen, in het bijzonder het binnenkomen in en het verlaten van het grondgebied van haar land, van personen waarvan de verzoekende douane-administratie weet of vermoedt dat deze betrokken zijn of zullen zijn bij een inbreuk.
- Citeren als
- Art. 10
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0010576
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl