BWBR0010809
Geldig vanaf 15-12-2004
Artikel 4
Vrijstellingsregeling artikel 2 Diergeneesmiddelenwet 1999
1. In afwijking van artikel 2, eerste lid, van de wet mogen dierenartsen de diergeneesmiddelen die zijn opgenomen in bijlage 1 bij deze regeling, met inachtneming van het daarin bepaalde, toepassen bij voedselproducerende dieren, indien dat uit diergeneeskundig oogpunt noodzakelijk is en voor de toepassing geen diergeneesmiddelen beschikbaar zijn.
2. Artikel 2, vierde lid, is van overeenkomstige toepassing op dieren en producten van dieren waarbij een in het eerste lid bedoeld diergeneesmiddel is toegepast.
3. Diergeneesmiddelen worden slechts in bijlage 1 opgenomen:
a. indien er voor de betreffende toepassing en diersoort geen diergeneesmiddel beschikbaar is;
b. voor zover zij voor enigerlei toepassing zijn geregistreerd, en
c. voor zover het toepassing bij runderen, varkens of kippen betreft, voor toepassing bij incidenteel voorkomende indicaties.
2. Artikel 2, vierde lid, is van overeenkomstige toepassing op dieren en producten van dieren waarbij een in het eerste lid bedoeld diergeneesmiddel is toegepast.
3. Diergeneesmiddelen worden slechts in bijlage 1 opgenomen:
a. indien er voor de betreffende toepassing en diersoort geen diergeneesmiddel beschikbaar is;
b. voor zover zij voor enigerlei toepassing zijn geregistreerd, en
c. voor zover het toepassing bij runderen, varkens of kippen betreft, voor toepassing bij incidenteel voorkomende indicaties.
- Citeren als
- Art. 4
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0010809
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl