BWBR0010847
Geldig vanaf 06-03-2005
Artikel 4
Hygiënebesluit leghennenbedrijven 1999
1. Voordat een koppel leghennen wordt geruimd dient ten minste 0,5 % van dat koppel te worden bemonsterd door middel van bloedmonsters, met een minimum van 24 leghennen en een maximum van 60 leghennen. Als een koppel leghennen tegen S.e. geënt is met een entstof die interfereert met de diagnostiek, dan mag het onderzoek plaatsvinden door middel van mestmonsters. Voordat een koppel leghennen wordt geruimd moeten dan (bij voorkeur blindedarm)mest- en/of cloacamonsters worden genomen bij minimaal 150 dieren, verzameld als mengmonsters van maximaal 25 individuele monsters.
2. Het onderzoek op aanwezigheid van antistoffen tegen Salmonella enteritidis en/of Salmonella typhimurium vindt plaats maximaal negen weken voor de ruimingsdatum. Indien inmiddels bekend is dat het koppel met S.e/S.t. besmet is kan dit onderzoek achterwege blijven.
2. Het onderzoek op aanwezigheid van antistoffen tegen Salmonella enteritidis en/of Salmonella typhimurium vindt plaats maximaal negen weken voor de ruimingsdatum. Indien inmiddels bekend is dat het koppel met S.e/S.t. besmet is kan dit onderzoek achterwege blijven.
- Citeren als
- Art. 4
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0010847
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl