BWBR0011125
Geldig vanaf 01-10-2002
Artikel 3
Verordening Algemene Bepalingen Productschap Vis 2000
1. De krachtens het bepaalde in artikel 2 door het productschap verwerkte gegevens mogen, voor zover bij of krachtens de wet niet anders is bepaald, zonder toestemming van de betrokken belanghebbende:
a. niet verder worden verwerkt op een wijze die onverenigbaar is met de doeleinden waarvoor zij zijn verkregen;
b. slechts worden verwerkt ter vervulling van een taak van het productschap dan wel het bestuursorgaan waaraan de gegevens worden verstrekt of ter verdere verwerking voor historische, statistische of wetenschappelijke doeleinden;
c. niet onder vermelding of aanduiding van de persoon en/of de onderneming, waarop zij betrekking hebben, worden verwerkt ten behoeve van en/of aan anderen dan de voorzitter, de secretaris van het productschap, het personeel van het secretariaat van het productschap, zo mede de door het bestuur met de controle op het financiële beheer van het productschap belaste accountant en zijn personeel, voor zover het kennis nemen van de gegevens voor die controle noodzakelijk is.
2. Verwerking van gegevens, als bedoeld in het eerste lid, blijft ook achterwege in gevallen, waarin uit de aard der gegevens of uit één of meer andere omstandigheden zou kunnen blijken, op welke persoon en/of onderneming de gegevens betrekking hebben.
3. Het geven van voorschriften, als bedoeld in artikel 2, lid 1, onder 1, en het geven van toepassing aan het bepaalde in artikel 2, lid 1, onder 2, geschiedt slechts met betrekking tot een doel, hetwelk verband houdt met de vervulling van de taak van het productschap.
a. niet verder worden verwerkt op een wijze die onverenigbaar is met de doeleinden waarvoor zij zijn verkregen;
b. slechts worden verwerkt ter vervulling van een taak van het productschap dan wel het bestuursorgaan waaraan de gegevens worden verstrekt of ter verdere verwerking voor historische, statistische of wetenschappelijke doeleinden;
c. niet onder vermelding of aanduiding van de persoon en/of de onderneming, waarop zij betrekking hebben, worden verwerkt ten behoeve van en/of aan anderen dan de voorzitter, de secretaris van het productschap, het personeel van het secretariaat van het productschap, zo mede de door het bestuur met de controle op het financiële beheer van het productschap belaste accountant en zijn personeel, voor zover het kennis nemen van de gegevens voor die controle noodzakelijk is.
2. Verwerking van gegevens, als bedoeld in het eerste lid, blijft ook achterwege in gevallen, waarin uit de aard der gegevens of uit één of meer andere omstandigheden zou kunnen blijken, op welke persoon en/of onderneming de gegevens betrekking hebben.
3. Het geven van voorschriften, als bedoeld in artikel 2, lid 1, onder 1, en het geven van toepassing aan het bepaalde in artikel 2, lid 1, onder 2, geschiedt slechts met betrekking tot een doel, hetwelk verband houdt met de vervulling van de taak van het productschap.
- Citeren als
- Art. 3
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0011125
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl