BWBR0011470
Geldig vanaf 2001-01-01
Artikel 30
Wet personenvervoer 2000
1. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over nationale vervoerbewijzen, de daaraan te stellen eisen, de daarbij behorende tarieven en vervoersvoorwaarden, alsmede het gebied waarbinnen deze geldig zijn.
2. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen in het belang van de toegankelijkheid, gebruiksvriendelijkheid en interoperabiliteit van het openbaar vervoer regels worden gesteld over concessieoverstijgende onderwerpen. Deze regels kunnen betrekking hebben op:
a. de uitgifte, de kwaliteit en de functionaliteit van vervoerbewijzen;
b. de tarieven, waaronder de vaststelling van maximumtarieven, en vervoervoorwaarden;
c. de informatievoorziening en klachtprocedures met betrekking tot de onderdelen a en b.
3. De concessiehouder is verplicht reizigers te vervoeren die beschikken over een voor het concessiegebied geldig vervoerbewijs tegen het daarbij behorende tarief.
2. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen in het belang van de toegankelijkheid, gebruiksvriendelijkheid en interoperabiliteit van het openbaar vervoer regels worden gesteld over concessieoverstijgende onderwerpen. Deze regels kunnen betrekking hebben op:
a. de uitgifte, de kwaliteit en de functionaliteit van vervoerbewijzen;
b. de tarieven, waaronder de vaststelling van maximumtarieven, en vervoervoorwaarden;
c. de informatievoorziening en klachtprocedures met betrekking tot de onderdelen a en b.
3. De concessiehouder is verplicht reizigers te vervoeren die beschikken over een voor het concessiegebied geldig vervoerbewijs tegen het daarbij behorende tarief.